Aan de boulevard

We hadden een beetje het gevoel dat we langs een Italiaanse boulevard liepen. Flats, een strook auto’s, een brede boulevard en dan het strand. We waren in Nesselande (klik), Rotterdam op de Sicilië Boulevard. Deze Vinexwijk ligt aan de Zevenhuizerplas die recent vergroot is. Ons oorspronkelijke doel was in feite het rustige deel op te zoeken waar flamingo’s zouden zijn neergestreken. Op de een of andere manier konden we daar, in de ons beschikbare tijd, niet makkelijk komen en dus flaneerden we wat en verwonderden we ons over dit compleet nieuwe stadsdeel waarin nog steeds gebouwd wordt.

In de tijd dat wij nog in Voorburg woonden en mijn schoonouders in Ommoord, reden we wel eens over binnenweggetjes via Oud Verlaat naar hen toe. Maar dan heb ik het over eind jaren tachtig. Logisch dat we niets meer herkenden en wel even schrokken. Er werd op deze zonnige dag veel gebruik gemaakt van dit strand en zijn speelvoorzieningen. Het voorziet duidelijk in een behoefte zag ik toen ik op internet deze foto van afgelopen zomer vond.

Op zoek naar de ijsvogel

We hebben reuze ons best gedaan om de ijsvogel te spotten tijdens een dagje Biesbosch met de kleindochters die, tamelijk overbodig na alle lockdowns, nu een week krokusvakantie hebben.

Ik geef meteen maar toe; nog nooit eerder was ik in de Biesbosch. Het was weidser en meer open dan ik had verwacht. Het Biesbosch Museum Eiland was uiteraard gesloten, wel jammer voor de meisjes. Bij het uitkijkpunt Petrusplaat ligt een groot spaarbekken waar we hardop dit Lentegedicht hebben gedeclameerd dat op een informatiezuil stond.

De ijsvogel zagen we alleen op een foto. Goede reden om nog eens terug te gaan en dan met een natuurgids of in een fluisterboot dat bijzondere vogeltje toevallig tegenkomen. Wat we wél vonden was een plek om een kleine picknick te houden. Al stond er behoorlijk veel wind wat het coronakapsel van de wijnboer geen goed deed.

Dit bos blijft ons verrassen

Toen wij vanwege de hittegolf de afgelopen zomer ons Delftse bovenhuis ontvluchtten, gingen we wel eens naar het Haagse Bos. Het was er rustig en aangenaam, we namen boek en stoelen mee en zaten er aan de rand van de vijver. Vanmorgen waren we daar opnieuw en maakten nu een rondwandeling langs die vijver. Het was er drukker dan afgelopen zomer maar vast niet zo druk als vorige week toen er ongetwijfeld geschaatst werd. We passeerden een speelbos met houtsculpturen.

Tot mijn vreugde zat er ook een ijsvogel. Dat begint langzamerhand een obsessie te worden, want nooit zag ik er een in het echt. We hopen daar aanstaande dinsdag eens verandering in te brengen en ik laat het hier weten als we de ijsvogel spotten en het liefst ook op de foto zetten. Tot die tijd stel ik me tevreden met dit fraaie exemplaar.

Leesparadijs in de open lucht

Elke minibieb die ik tegenkom, gaat op de foto. Ik heb er een zwak voor. En ik ben de enige niet. Ewoud Sanders, die zich buitenbieb-archeoloog noemt, schreef er pas een aardig artikel over in de NRC. ‘Toon mij uw buitenbibliotheek en ik zeg u wie er in een bepaalde buurt wonen.’ Het eerste kastje hangt in Delft, de tweede in Voorschoten. In het Delftse kastje stond niets van mijn gading. Maar over het Voorschotense minibiebje moet ik het echt even hebben.

We waren naar de markt geweest, ik stond met twee warme kipkluifjes in mijn hand die we van de poelier hadden gekregen en ik wilde toch een foto maken. Dus pakte ik haastig mijn mobieltje, maakte snel de kiek en verdween in de auto om te kluiven. Pas thuis zag ik er een boek in liggen dat op mijn wensenlijstje staat. Daar heb ik natuurlijk een beetje de pest over in want voorlopig kom ik niet weer in Voorschoten. Nee, als bieb-archeoloog heb ik nog een lange weg te gaan.

Ik stem wel volledig in met Ewouds laatste zin: ‘Het zijn vaak leesparadijsjes en hoe dan ook sympathieke bewijzen van opruimwoede, goedgeefsheid en letterlievend altruïsme.’

Privé concert

Bij elkaar op bezoek gaan kent zo zijn afwegingen tegenwoordig. Is het wat het weer betreft wel verstandig met de auto op pad te gaan? Bovendien wordt het bepaald niet gestimuleerd elkaar op te zoeken als het niet echt nodig is. Toch ging ik vandaag op de koffie bij een (alleen wonende) vriendin. We hadden elkaar al weken niet gezien en hielden ons netjes aan de voorgeschreven afstand. Ze woont in een flat in een mooie buurt en nadat ik mijn auto had geparkeerd had, móest ik een foto maken van de prachtige huizen daar in Scheveningen.

Mijn vriendin vertelde uitvoerig en heel geestig over de pianolessen die zij volgt en na mijn ‘hè, speel eens wat voor me’ kroop ze achter de vleugel en trakteerde me op Mozart en Schubert. En zo eindigde de koffievisite, die al was uitgemond in een soep met broodje-lunch, met een muzikale toegift waarin ik in mijn eentje zat te klappen en ‘bravo’ riep. Mijn bezoekje was in strikte zin niet echt nodig maar wel enorm gezellig en helemaal de moeite waard.

Nieuw en oud

Afgelopen vrijdag schreef ik al even over een bombardement dat een filmstudio vernietigde. Het gaat om het ‘vergissingsbombardement’ door de Engelsen van het Bezuidenhout in maart 1945. Op dit moment lees ik het boek De onderkoning van Indië, een boek van Tomas Ross. Daarin wordt gesuggereerd dat het een doelbewust bombardement is geweest omdat zich veel communistische cellen ophielden in dit gebied. Het liep dramatisch af met meer dan vijfhonderd doden en duizenden daklozen.

Het is hoe dan ook goed te zien dat Den Haag hier in de loop der jaren de schade die het gebied opliep, eigentijds heeft opgevuld. Daar kan ik aan toevoegen dat ik bijna al deze bouwsels gebouwd heb zien worden. En dat klinkt behoorlijk bejaard.

De bomen en de bommen en het bos

Landgoed Oosterbeek, dat ik gisteren al liet zien, ontdekten we bij toeval. Het plan was in Clingendael te gaan wandelen en daar de zij-ingang van te gebruiken. Toen er geen parkeerplaats was, reden we nog een klein stukje door en zo kwamen we op dit landgoed terecht. Natuurlijk was er ooit ook een landhuis. Daar was vanaf 1935 een filmstudio in gevestigd. Tijdens de oorlog, toen de Joodse eigenaar naar Amerika was gevlucht, werden er Duitse propagandafilms gemaakt. Uiteindelijk is het landhuis door de Engelsen gebombardeerd. De tankgracht en bunkers zijn gebleven. De oude werkplaats voor het afmonteren van V1-vliegende bommen en V2 raketten, ligt achter dit hek nog te wachten op een nieuwe bestemming. Van al deze verhalen had ik nog geen weet, toen we daar zo vredig liepen te wandelen.

Naar het ADO stadion

Thuiswonende ouderen van negentig plus, zijn vanaf afgelopen dinsdag aan de beurt voor hun vaccinatie. Mijn moeder mocht gisteren komen. De locatie van de GGD was bij het ADO-stadion, niet ver van waar zij woont. Na het thuis al in orde maken van de nodige papieren en verklaringen was het eigenlijk snel gepiept. Inclusief het kwartiertje nablijven waren zij en haar begeleider in twintig minuten weer klaar. Ze waren onder de indruk van de enorm grootschalige opzet en de allervriendelijkste bejegening. Begin maart krijgt ze haar tweede prik. Dat zij dit hele moeilijke jaar tot dusverre goed is doorgekomen, is een pak van ons hart.

De foto’s maakte ik zondag in Landgoed Oosterbeek, aan de rand van Wassenaar. Windstil en zonnig, dus dan krijg je dit soort beelden. Dat weertype zit er voor vandaag niet in, dus genieten we een beetje na bij deze plaatjes.

Na de storm

Eindelijk. Eindelijk gingen we weer eens naar het strand. Ik heb een vriendin die er vrijwel dagelijks komt. Maar ja, zij woont heel dicht aan de kust. Vaak stuurt ze een klein filmpje en kijken en luisteren we even mee naar de branding en haar strandgeluk. Zelf rijden we er met de auto in minder dan een half uur naar toe dus er was vrijdag geen reden om het langer uit te stellen.

Die ruimte, de schone lucht, het licht. Het geeft me altijd een onmetelijk bevrijd gevoel. Helaas liet de batterij van mijn mobieltje me in de steek, want ik had nog veel meer willen fotograferen. Maar in elke geval was mijn eigen batterij weer helemaal opgeladen.

Spontane actie

Om een beetje afwisseling in ons dagelijkse wandelingetje te brengen besloten we gistermiddag naar Voorschoten te gaan. Daar bleek tot onze verrassing markt te zijn en het was er aangenaam levendig. Niet té druk maar wel gewoon gezellig. Goede markeringsstrepen bij de kramen, vriendelijke kooplieden, we hadden het direct naar ons zin. Uiteraard konden we de verleiding van een bos tulpen niet weerstaan. Spontaan veranderde ik ter plaatse onze eetplannen; bij de poelier kochten we hazenpeper, bij de groentenstal spruitjes en stoofperen. Komende week staat er boerenkool met worst op ons menu. Laat nu de sneeuw maar vallen.