Middeleeuwse toestanden

Toen ik gisteren mijn foto-archief indook, stuitte ik ook op deze beelden. Ze zijn van mei 2015. Het jaarlijkse kruisboogschietfestijn in de stad wordt geheel in stijl gevierd. En hoe gaat het dan als je een camera in je hand hebt? Je blijft foto’s maken waarvan er uiteindelijk maar een paar het blog halen. De rest bewaarde ik omdat ik moeilijk foto’s weg kan gooien.

Ik vind het prachtig om te zien met hoeveel zorg de deelnemers zich als echte middeleeuwers hebben gekleed. Als fééstvierende middeleeuwers zelfs. De komende dagen is er in Gubbio een middeleeuwse markt. Ik hoop dan wat ‘werkvolk’ te zien en beschouw dit maar als een opwarmertje.

Hangend in de schaduw

Het is een flinterdun laagje water wat er in het kanaaltje van Gubbio staat. Gevolg van de regen nadat het de hele zomer kurkdroog was en men er zelfs een eindje verderop een terras in had gemaakt. Dát heb ik helaas niet met eigen ogen gezien maar is me verteld door een vriendin die hier tijdens onze afwezigheid verbleef. De reden waarom ik de foto maakte is de wapperende was. Een zondagse was nog wel. Mijn moeder vond dat vroeger niet kunnen, maandag was wasdag. Maar dat was nog vóór de wasmachines hun intrede deden. Nu wast men wanneer het goed uitkomt, alles in de trommel en draaien maar. Lekker buiten laten drogen en als dan de zondag ook letterlijk zon geeft, dan trek je je niets aan van zondagse passanten die op de stoep zitten te eten onder de wapperende was. Ik stoor me er niet aan, sterker nog ik verzamel wasfoto’s.

De laatste foto komt uit mijn verzameling en hoort tot mijn een van mijn favorieten. Mijn hulpje in 2012, kleindochter Isabel.

Werk en ontspannen in de buitenlucht

toen de lavendel nog bloeide
na de snoei…

Na twee dagen van enorme plensbuien en windvlagen, was er op het erf vandaag wel wat te doen. In een stralende zon! Normaal keutel ik op zondagochtend wat om, maar vandaag doken we samen de lavendel in, gewapend met snoeischaren. Met de druivenoogst voor de deur wil je andere klusjes maar gedaan hebben, hè? We stopten manden vol met weggeknipte en uitgebloeide bloemen en raapten her en der meteen afgevallen blad op. Na twee uur hard werken besloten dat het welletjes was voor vandaag. We mochten een hapje eten in de stad. Ineens is het weer zomer.

Vlees noch vis

We verschoven onze vaste marktdag van de dinsdag in Gubbio naar de woensdag in Cagli; een plaatsje vlak over de grens van Umbria. Op het centrale plein, waar ook het gemeentehuis is, begonnen we aan onze slingerdeslang door het centrum. Het aantal kramen is minder dan in onze eigen stad, de route wat langer en ook wat onoverzichtelijk.

Verbeelden we het ons of staan er minder kramen dan andere jaren? Bij de oorspronkelijke markthal was het hek gesloten, de vis – en vleeshandelaars die er voorgaande jaren stonden, handelen nu vanuit een gekoelde auto. Veel hygiënischer maar minder authentiek.

Op een kilootje perziken na, kochten we er niets, we konden onze draai er duidelijk niet vinden. Dat wordt dus volgende week weer gewoon Gubbio. Tenminste…als we dan niet aan het plukken slaan.

Veranderingen

Sinds vorig jaar is het betaald parkeren op het grote terrein vlakbij het Teatro Romano. Twee betaalautomaten deden het niet, er stond een wachtrij bij de derde. Enfin, haast hadden we niet. We doken een terras op voor de zondagse pranzo want dat hadden we na het harde werken de laatste twee dagen wel verdiend. We verdienen het sowieso elke zondag, we moeten even onder de mensen, of bedenken een andere reden.

Bij het restaurant van onze keuze is een nieuwe eigenaar en er zijn veel andere mensen werkzaam in de bediening. We missen de vertrouwde familiaire sfeer een beetje met het persoonlijke babbeltje van de vorige eigenaar. Het eten was prima, de menukaart wat kleiner en de prijzen zijn gestegen.

Het zijn kleine en vaak ook logische veranderingen. Van een toeristentreintje door de stad hadden de middeleeuwers van destijds vreemd opgekeken. Ik bedoel maar, leven brengt verandering met zich mee al is dat op het eerste gezicht aan de gebouwen in Gubbio niet direct te zien. Of zien jullie ook de bewakingscamera hangen?

Sfeer in de stad (2)

Gubbio heeft veel sfeer (zie mijn blog twee dagen geleden) maar Delft kan er gelukkig ook wat van. Inderdaad. We hebben weer een locatiewissel achter de rug en stapten gisteravond rond elf uur onze Delftse voordeur in. En dus ook vanmorgen meteen op pad voor wat boodschappen en kijken hoe de boel er hier bij staat. Alles fleurig hier, zelfs een miniveldje met zonnebloemen vlak voor de terrasboot van een Italiaans restaurantje.

We gaan een bijzondere en feestelijke maand tegemoet, ik kom er ongetwijfeld over te bloggen. Maar voorlopig eerst maar even aarden in mooi Delft en zijn omgeving.

Sfeer in de stad (1)

Als we de berg zijn afgereden, is het nog maar twee kilometer naar de stad. En wij, beiden opgegroeid in een grote stad, beschouwen dat als een groot voordeel. Als we reuring willen, is het dichtbij te vinden. Omdat het gisteren weer zo warm was, stelden we ons bezoekje aan Gubbio uit tot in de avond. De zon zette veel gebouwen in een gouden gloed. Overal kuierden mensen, de temperatuur werd aangenamer.

Onderstaand plein kennen we in veel gedaanten. Met paasvuren en de bijbehorende processie. Met zingende mensen tijdens de Festa dei Ceri en nu in de zomer is het één groot terras. Ik zou dit plein best nog wel eens in Kerstsfeer mee willen maken. Al is die kans klein en moet ik daar nu nog éven niet aan denken.

NB Dit is het tweede bericht vandaag. Het eerdere was nog van gisteren.

Gevarieerd toeristisch

Wie Gubbio bezoekt, moet zeker ook even naar de Basiliek waar de heilige Ubaldo ligt. Daar begint de geschiedenis van onze stad en daar staan ook de drie Ceri (enorme kandelaars) die op 15 mei door de stad gedragen worden. Op de foto zie je er één van terwijl de wijnboer wat uitleg geeft. Nog meer informatie namen we tot ons in het nabij gelegen ‘museum’ waar we voor het eerst ook entree moesten betalen.

Na dit blokje historie was het tijd voor een bezoekje aan het nabij gelegen Parco Coppo. Zomers is het er altijd was koeler, zeker in de schaduw van de dennenbomen. Vandaaruit zijn veel wandelroutes aangegeven en er zijn fantastische picknickplaatsen waar we al menig keer gebruik van maakten. Vandaag niet, we namen een snelle en smakelijke pasta in het recent opgeknapte restaurant. Vanavond koken onze logees voor ons. Ik heb dus een luxe en gemakkelijk dagje.

Project ‘bank’ afgerond.

Het hele vorige seizoen heb ik er over nagedacht . Hoe ik nou toch eens deze bank van een nieuwe zij- en rugleuning kan voorzien. De ‘webbing’ was verdroogd en verteerd, de rest van deze teakhouten bank was nog prima in orde. We kochten hem in de negentiger jaren als huiskamer bank maar het zitcomfort viel een beetje tegen. Uiteindelijk belandde de bank op ons terras voor het Italiaanse huis en lekker lui liggen gaat er prima op.

Vorige week heb ik de bank verder ontmanteld en daarna wat er nog restte behandeld met een dik sopje van groene zeep. Dat vindt teakhout fijn en ik vind het vergrijzen mooier dan vernissen. Inmiddels hadden we ook via een stoffeerdersbedrijf in Gubbio waterdoorlatende buitenstof besteld en konden we aan de klus beginnen. Patronen gemaakt, gepast en gemeten, geknipt en gezwoegd. Wat zo op het oog eenvoudig lijkt, is in de praktijk behoorlijk weerbarstig.

Ik zou met gemak drie blogs kunnen vullen over de gewijzigde aanpak, het bezoeken van een fantastische fourniturenwinkel waar we de vijftiger jaren weer binnenstapten, over onze samenwerking en over het feit dat, uit nood geboren, de rugleuning donkergrijs is en de zijkant lichtgrijs. Het is uiteindelijk niet interessant. Dit is hem, mijn boek ligt al klaar. Die bank kan weer twintig jaar mee en dat moeten wij nog maar zien waar te maken.

Als je haar maar goed zit!

Heel lang hoefde ik hier niet te wachten nadat ik door Matteo van een keurige Italiaanse coupe was voorzien. Naast zijn kapsalon is een rustige patio waar ik me installeerde omdat ik aannam dat de wijnboer wel wat langer weg zou blijven op zijn missie een Codice Fiscale te bemachtigen bij de gemeente Gubbio. Het is een beetje te vergelijken met ons oude Sofinummer. Maar goed. Dat gaat hier toch wat stroperiger dan wenselijk. Het vinden van de juiste ambtenaar achter het juiste loket is hem vanmorgen niet gelukt. Op het adres dat hij had doorgekregen van de bank, was de betreffende afdeling niet meer aanwezig. Naar welk gebouw het was verplaatst, kon men hem niet vertellen. De gemeente zetelt hier in verschillende prachtige maar slecht onderhouden oude palazzi met doolhof achtige gangen, waarin het lijkt of niemand van een ander zijn bestaan af weet.

Hij is tenslotte verwezen naar Gualdo Tadino, een buurgemeente met wie Gubbio onder meer het ziekenhuis deelt. Er is een Engels talig formulier gedownload en we gaan volgende week maar eens kijken of Gualdo over het juiste loket blijkt te beschikken. Tijdens al dit soort ondernemingen rijden we wel door een prachtig gebied en dat is ook wat waard.