Dan maar naar de kerk

In juli en augustus is het tuincentrum niet op zondagochtend geopend. Maar dat wisten we pas toen we voor een gesloten hek stonden. De wijnboer had er graag een nieuwe tijdklok voor het besproeiingssysteem gekocht om dat vanmiddag te kunnen installeren. We waren daardoor vroeger in Gubbio dan we aanvankelijk dachten. Dan maar even de kerk in, het is tenslotte zondag nietwaar? Kijk hoe netjes hier de zitplaatsen zijn gemarkeerd. In plaats van rood-witte kruisen knoopte men witte strikjes aan de kerkbanken. Drie personen per bank is geoorloofd.

Vanuit de kerk kijk je zo dit plein op, waar we bij de tratoria een tafeltje voor twee hadden gereserveerd. Het is vandaag licht bewolkt met een temperatuur van ongeveer dertig graden, dat voelt wat drukkend aan. Een beetje loom van de maaltijd en het weer verlieten we de stad en keerden terug naar onze berg waar we pas aan het eind van de middag weer wat actiever worden.

Bloot

Sinds gisteren is het in Italië niet meer verplicht om op straat een mondmasker te dragen. Maar denk maar niet dat iedereen hier massaal die dingen heeft afgeworpen. De pompbediende die we vanmorgen bij het benzinestation spraken vertelde dat hij het voor de zekerheid nog gewoon draagt. ‘Er zijn hier zoveel doden gevallen, ik ben nog steeds bang’. Ook op de markt liep vrijwel iedereen nog gemaskerd. Op instagram las ik gisteren een kreet van Claudia de Breij: ‘het voelt nog wel onwennig zo in mijn blote mond’. Daar heeft ze wel een punt.

Brood en spelen

Zou het niet te warm zijn om buiten te eten, vroegen we ons af. Maar het was prima te doen onder de pararols bij All’ Antico Frantoio. En als je even niet naar de tafel kijkt, waar overigens bij mij eerst een vitello tonnato en vervolgens een bordje truffelpasta verscheen, dan heb je dit uitzicht. Allemaal dik in orde.

Het Teatro Romano is nog steeds in gebruik en we hebben er al menig voorstelling bijgewoond. Vanaf 11 juli tot 22 augustus is er dagelijks geprogrammeerd en we moeten maar eens bezien of er iets van onze gading bij is op momenten dat we hier zijn. Boven de stad is vanaf de Monte Ingino nog net de Basiliek van de Heilige Ubaldo te zien. Hij waakt over ons, zeggen de inwoners van Gubbio. Daar sluiten we ons dus maar bij aan.

Plantjes in het portiek

Zomaar een charmante straat in Gubbio, maar wel een straat met de welluidende naam Via Dante Alighieri. Bovendien een straat met hier een daar een fraaie portico. Alles ziet er goed onderhouden uit, prachtige houten balken als plafond waarop weer de tegels voor de volgende verdieping liggen. Bij de ene voordeur staan uitsluitend kamerplanten in potten. De ander heeft een rand met roze petunia’s opgehangen. De bewoners doen het vast voor hun eigen genoegen maar hoe aardig is het dat jullie nu ook zien met hoeveel zorg en aandacht deze portieken worden onderhouden.

Achterkanten en meer

Op weg naar onze lunchafspraak liepen we langs deze huizen. Scheve aanbouwsels, een stapel verroeste stoelen; op ons eigen erf wil ik het netter, bij een ander vind ik het wel schilderachtig. Maar goed, daar ging het vanmiddag niet om. We hadden een afspraak met mijn nichtje en haar man, die net als wij deeltijd in Italië wonen. Halverwege onze huizen is de Monte Cuccu en daar zouden we afspreken bij Dal Lepre. Dat restaurant sloot echter op die berg zijn deuren en heropende in Gubbio. Een goede reden om dus dáár met z’n vieren de zondagse pranzo te houden. De familie zat al te wachten, de wijnboer besluipt hen.

Het is zo’n licht bewolkte dag, de temperatuur een graad of zesentwintig, het eten was perfect, de gesprekken genoeglijk en het tevreden gevoel na afloop droop weer van ons af. Kijk, mede voor andere vaste bezoekers van Dal Lepre, dat zijn naam een klein beetje aanpaste, maakten we deze foto. Stralend toch?

Verbroken traditie

Al twee jaar op rij kon het feest ter ere van de patroonheilige van Gubbio, Sint Ubaldo op 15 mei niet gevierd worden. Althans niet op de manier waarop dat hier de gewoonte is. Alle jaren schrijf ik er over en dompelen ook wij ons onder in het spektakel van dit religieuze feest dat heel de stad op z’n kop zet. Men denkt er nu over om in september alsnog de Ceri, de enorme kandelaars, op een aangepaste manier door de stad te laten dragen. Voorlopig hangen hier en daar nog de vaandels in de stad maar het ziet er een beetje treurig uit. Nee, Gubbio zonder het grote jaarlijkse feest dat eigenlijk een maand in beslag neemt, blijft een beetje onwerkelijk. Maar Sint Ubaldo heeft er wel begrip voor, denk ik.

Onze weekroutine

Ook hier is het mooie weer pas sinds kort teruggekeerd, we hadden echt het idee dat iedereen weer eens ouderwets naar buiten ging om gewoon voor het plezier de markt te bezoeken. Na wat rondslenteren maakten we onze opwachting bij Fausto en Donatella van de koffiebar. Het eerste kopje koffie was gratis nadat ze lange tijd vanwege Covid gesloten waren geweest. Hier in Italië lijkt het gewone leven weer op gang te komen. Het valt ons wel op dat er altijd personeel bij de ingang van de supermarkt staat die zorgt dat je je handen ontsmet. Zelfs al meegemaakt dat je temperatuur gemeten wordt bij binnenkomst. De aanbevolen afstand tussen twee personen is een meter, dus je ziet zelden mensen uitwijken bij het passeren. En ja, ook buiten is het dragen van mondkapjes verplicht, daar doen we uiteraard netjes aan mee. Met onze twee vaccinaties voelen we ons goed beschermd en leven ons Italiaanse leven weer van harte.

Sfeertje

Vanmiddag waren we voor het eerst sinds onze terugkeer in het centrum van Gubbio, de stad die ons net zo vertrouwd voorkomt als Delft. Het is hier allemaal een stuk kleinschaliger, deze streek is niet zo dicht bevolkt als de Randstad. Wél volk op straat maar aangenaam wat hoeveelheid betreft. We gingen naar een favoriet restaurant waar we allerhartelijkst begroet werden. Na het uitwisselen van de standaard praatjes als ‘welkom terug en gaat alles goed’ genoten we van een heerlijke pranzo. Terwijl de wijnboer zichzelf na afloop nog op een ijsje trakteerde, schoot ik wat sfeerbeelden van deze middeleeuwse stad. De voorspelde regen was vannacht al gevallen, dus de rest van de middag waren we op ons erf. Zogenaamd om een beetje rustig aan te doen, maar al snel werden de handen weer uit de mouwen gestoken en trokken we gedurende een uurtje nog wat onkruid uit.

Mijmering bij de peertjes

Naast de vele kerstkaarten zat er vandaag ook een envelop uit Italië in de bus. Onze buren sturen vaak post door, het zijn vrijwel altijd rekeningen. Vandaag ook. Maar ineens was ik weer in ons huis, waar het nu donker en koud zal zijn. Waar nog steeds wijn in grote mandflessen staat te wachten. In gedachten zie ik onze buurvrouw in haar keuken staan. Hoe groot zal het gezelschap zijn waarvoor zij kookt? Hoe zou het in Gubbio zijn waar de restaurants allemaal gesloten zijn? Ik kwam onlangs een afbeelding op een reisgids voor Umbria tegen met het karakteristieke Palazzo dei Consoli in Gubbio. Daarvan heb ik natuurlijk zelf ook nog wel een tamelijk recente foto. En zo dwaalden mijn gedachten naar die andere plek waar we ons zo thuis voelen en waren de stoofpeertjes in de Delftse keuken inmiddels klaar.

Eén voor twee

Crema Chantilly heet het nagerecht dat we na de pranzo gebruikten bij een van ons favoriete restaurants in Gubbio. Uno per due bestellen we dan en daarvan kijkt men hier totaal niet op. We deelden dit verrukkelijke dessert dat voornamelijk uit slagroom, suiker en vanille bestaat.

Afgezien van ons driedaagse reisje door Toscane, hebben we hier een gewone zesdaagse werkweek. Gistermiddag legden we drie aardbeienheuveltjes aan en plantten we nog wat vaste planten langs de randen van de ‘rozentuin’. Vanwege de verwachte regen werd een groot deel van het tuinmeubilair al opgeruimd en het erf werd zoveel mogelijk winterklaar gemaakt. Voor de derde week op rij regent het op zondag. Het mag een wonder heten dat we droog wegkwamen in Gubbio. Zondag staat voor ons dus in het teken van eten en drinken en uitrusten. Precies waar deze dag voor bedoeld is.