Het nakijken

Vanuit onze hoge woonkamer is zoveel fraais te zien. Het bloesemt ons allemaal tegemoet. De groene grasstrook, het kille water, de roeiers; ik kijk er met genoegen naar.

Nog zo’n tere schoonheid waar ik graag op neerkijk. Maar langzaam aan verdwijnt de bloesem en worden de bomen groen. De Vermeerstraat, waar wij recht in kijken, wordt weer aan het zicht onttrokken door het uitbottend blad.

Het is echt de hoogste tijd dat wij Delft gaan verlaten en weer in de aarde gaan wroeten in plaats van er op neer kijken. Tijd om te zien hoe de natuur in Caldese er bij staat. We nemen afscheid van de grachten, de toeristen, de winkelstraten en het draaiorgel. Het meisje van Vermeer draait zich nog eenmaal naar me om. We zijn onderweg naar ons Italiaanse leven.

In de natuur

Soms lopen er hele kuddes maar deze sportieveling is lekker in zijn uppie aan het rennen. Dat ziet er naar mijn gevoel wat natuurlijker uit. Heerlijk in je eigen tempo en elkaar niet voor de voeten lopend. Alleen het geluid van de vogels.

Het was tamelijk fris vanmorgen in de Delftse Hout maar prima wandelweer. Bij de groenteboerin staat een nieuw reclamebord voor een kistje vol smaak, ‘Lekker nassûh’ staat erbij. Bij nassen zie ik eigenlijk ongezonder voedsel voor me, meer in de trant van vette snacks. Maar dat kan aan mij liggen.

Bij dit doorkijkje tenslotte, stoort mij het bord dat je hier niet gemotoriseerd het water op mag. Ik snáp het wel maar vind het ontsierend. Maar ook dat kan aan mij liggen.

Geïnspireerd

Nadat ik gistermiddag mijn blog had geplaatst, maakte ik mijn bruggenloopje. Ik nam géén camera mee maar fotografeerde toch, omdat ik het niet kan laten. Dan is er altijd nog het mobiel. Ik keek naar voortuinen met vrolijke bloeiers, zag reigers, nijlganzen en ander gefladder. Toen kwam ik langs dit venster. Het gebouw waarin we wonen staat er in weerspiegeld. De kamerplant achter de luxaflex is meegeklapt in het lamellensysteem. Kijk, dacht ik, dit is een soort Luigi Ghirri (zie mijn blog van gisteren) en besloot het vandaag hierbij maar eens te laten.

Langs de slootkant

Het is geel en groen wat de klok slaat. De forsythia loopt wat bloei betreft al weer op z’n end maar dan neemt het koolzaad de gele estafette over.

Ook het eerste bloeiende fluitekruid al weer gezien. Ik ben een echt lente-zomermens en word van deze uitbundigheid in de natuur zelf ook heel erg vrolijk. Bovendien waren we vanmorgen bij de polderwandeling weer met een grotere groep en gaan we elkaar aan het eind van de middag als eetclub opnieuw ontmoeten. Wat een heerlijke dag.

Waar zullen we ons vestigen?

Het geluid van nijlganzen herken ik inmiddels feilloos, maar waar kwam het vandaan? Ik zag dat dit stel de dakgoot van ons gebouw had uitgekozen om luid gakkend hun territorium te verdedigen. Ik vind het wel effectief. Zo weet iedere overvlieger dat hier beneden in de groenstrook voor ons huis, een nieuw gezin gesticht gaat worden. Of willen ze zich samen aansluiten bij een troepje dat een kolonie heeft in de Delftse Hout? Ik verzin ook maar wat. Bij mijn ouders voor de deur trof ik een lege slootkant aan. Plaats genoeg voor een nieuwe nederzetting. Maar ja, om daar nou luid gakkend een stel ganzen proberen naar toe te lokken, zie ik mezelf niet snel doen.

Mobiel

Om acht uur gisteravond stonden onze mannen ons in Rotterdam op te wachten waar we met de Thalys net waren binnengerold. En vanmorgen stond ik om negen uur al weer hier, voor de aanvraag van een nieuw rijbewijs. Vóór we naar Italië vertrekken moet dat geregeld zijn dus we hebben een strakke planning. Ik probeer nog wat actuele foto’s die ik in Parijs maakte, in te voegen in mijn blogs van de afgelopen dagen. Ik maakte ze op mijn mobiel omdat ik persé niet met een camera wilde sjouwen. De man die normaal gesproken mijn lastezel wil zijn, was immers niet mee. Enfin, wie zin heeft scrolt nog even terug. Deze foto’s zijn verse Delftse plaatjes. Ook weer fijn om thuis te zijn.

De lamp

De grote schemerlamp op het Doelenplein is een kunstwerk waar toeristen zich graag mee op de foto zetten. Tot mijn grote schrik stond de lamp er onlangs ineens nogal uitgekleed bij. De porceleinen voet was aan diggels, waarschijnlijk veroorzaakt door een achteruit rijdende vrachtauto.

Een paar weken later hing de kap in de takels toen ik passeerde en maakte ik een praatje met een paar heren van de Kunstwacht die dit proces begeleidden. ‘Het kan wel een half jaar duren, maar hij wordt hersteld hoor.’

Inmiddels is op de sokkel ook nog een informatief bordje geplaatst. De zinsopbouw is niet helemaal logisch, maar ik wil geen kniesoor zijn. Dat er gewaakt wordt, gecommuniceerd én hersteld is geruststellend.