Natuurlijk

Terwijl de wandelaars wandelden, deed ik vanmorgen een fietsronde door de Delftse Hout. Vóór ik daadwerkelijk begon, legde ik de koeien vast die dit keer niet in het grote weiland liepen maar tussen de aangeplante bomen stonden te grazen. Ik maakte vervolgens een rondje om de twintig hectare grote plas die is ontstaan in de jaren zestig door afgraving van zand ten behoeve van de aanleg van enkele nieuwe woonwijken in de omgeving. Het hele gebied is een uitloper van de provinciale ecologische hoofdstructuur van Nederland, las ik op Wikipedia. Recreatiegebieden zijn vrijwel altijd ontstaan na menselijk ingrijpen maar ik ben reuze blij zo dichtbij huis een min of meer ‘natuurlijke’ plek te hebben waar we minstens een maal per week gebruik van maken.

Van Gogh in Delft

Het was wat lastig fotograferen in die smalle straat maar de hele gevel moest erop! In plaats van een wandelingetje, fietsten we gisteravond na het eten door Delft. Ik kwam niet alleen deze geweldige muurschildering tegen, ik vond na afloop ook op de site van Delft in de buurt een mooi aansluitend verhaal. Het originele schilderij dat Van Gogh in 1885 in Brabant schilderde, heeft jarenlang toebehoord aan Hugo Tutein Nolthenius, kunstverzamelaar en directeur van de Calvéfabriek. Hij woonde bij ons om de hoek in dit pand. Daar ben ik vandaag natuurlijk speciaal naar toegelopen.

De man was ongehuwd en had geen kinderen. In de hongerwinter 1944 overleed hij en zijn erfgenamen vochten om de inboedel. Dat ging via een loterij. Degene die het eerst mocht kiezen koos een fiets met luchtbanden. Voor de schilderijen hadden de erven geen belangstelling. Er is een tekening gemaakt van de ruzie die ontstond bij het verdelen van de erfenis met een toepasselijke titel.

Van Gogh heeft over de Aardappeleters gezegd dat ‘die luitjes die bij hun lampje hun aardappels eten, met die handen die zij in de schotel steken zelf de aarde hebben omgespit en (…) dat zij hun eten zo eerlijk verdiend hebben.’ Het origineel hangt inmiddels in het Kröller- Muller museum. Maar in Delft is het vertrek ervan wel heel origineel opgelost.

Het winkelen ontwend

Heerlijk vond ik het vroeger om met mijn moeder, dochter, zus of vriendin te gaan winkelen. Beetje rondkijken. Vaak ook met een boodschappenlijstje gevuld met nuttige dingen die je dan in één ronde aanschafte. Inmiddels ga ik niet meer voor mijn lol winkel in en uit. Zal de leeftijd wel zijn.

Vanmorgen had ik een gevarieerd boodschappenlijstje bij me. Een stel sokken voor de wijnboer, wat hemdjes voor mijn moeder, een tas die bij schoenmaker hersteld moet worden en nog wat cadeautjes stonden op het lijstje. Ik klauterde bijtijds op de fiets, slaagde overal goed en had om half elf de buit binnen. Ik ben het ontwend, dat winkelen. En ik ga het zeker niet ineens heel leuk vinden. Maar voor de lokale middenstand is dit toch een stuk beter dan het laten bezorgen van postpakketten wat we gedurende de lockdown nog wel eens deden.

Zomer op het plein

Dat je zonder jas of vest naar buiten kunt. Dat er een oud-collega op de koffie komt met wie je heel wat bij te praten hebt en na de koffie thuis naar een terras wandelt voor de lunch. Zij was het die mij op de introductiedag voor nieuw personeel rondleidde in het ziekenhuis. Het was in 1988 en ik had toen geen idee dat ik later ook die rondleidingen zou gaan doen. We maakten samen bijzondere dingen mee die we nooit meer zullen vergeten. Al die jaren hielden we contact, niet met een hoge frequentie maar wel altijd tot wederzijds genoegen. Dat je samen zo’n heerlijke zomerse dag beleeft daar houden we beiden een uitzonderlijk goed gevoel aan over.

Nietjes, fietsen en wildparkeren

Ik vertel niets nieuws als ik zeg dat het centrum van Delft autoluw is en een paradijs voor voetgangers en fietsers. De meeste fietsen worden netjes gestald bij de daarvoor bestemde nietjes. Maar het kortgeleden beschilderde elektriciteitskastje dat ik op de foto wilde zetten, werd ook ontsierd door een fiets. Beetje jammer.

De zijkant is ook fraai beschilderd dus ik werd benieuwd hoe het er vanaf de overkant van de gracht uit zou zien. Daar kon de kunstenaar kennelijk niet bij want het is weer een neutraal groen geschilderd niks-aan-de-hand kastje. Ook al een beetje jammer.

Toen moest er een bestelauto langs, de bestuurder wachtte geduldig tot een mevrouw haar fiets weghaalde die de gracht blokkeerde. Dat was helaas niet die fiets die mij in de weg stond voor een foto. Ach, ik ga er misschien in de winter nog wel eens langs. Dan zijn die fietsen zeker weg. Er bevindt zich namelijk een druk beklante ijssalon op die hoek waar menig fietser graag voor afstapt.

Ik heb al een boek

Bij de Plus supermarkt zijn de vaatwasmachinetabletten in de aanbieding. Op de terugweg van de zondagochtendpolderwandeling fietsten we er even langs. Op het pleintje ervoor bleek een boekenmarkt te zijn. De wijnboer dook de super in, ik deed de boekenmarkt. Niet dat ik een boek wilde kopen maar hé, door bomen beschaduwd plein, boeken, zondagochtend; het zijn ingrediënten die vakantie-achtig aandoen. Ik kocht er trouwens wél een boek met koolhydraatvrije recepten maar verder verlustigde ik me vooral aan het gebodene. Dat is beter voor de lijn van mijn boekenkast.

Dan nog even wat anders. Was het al opgevallen dat in mijn eerste twee zinnen een paar heerlijke scrabble-woorden staan? En wat vinden jullie van die boom waarop de boekenmarkt staat aangekondigd? Bovenin zit een holte en daar vlak boven een grote zwam als een soort opengeklapte deksel. Grappig toch?

Politie voor de deur

Vanaf het bankje voor ons huis ziet ons uitzicht er zo uit. En dit is het bankje met de wijnboer erop. Er zou een pakje worden afgeleverd tussen tien en één. En we wilden graag naar buiten. Dus.

Er voeren twee rubberboten, één van de politie en één van de havendienst Delft. Er zat bovendien een cameraman aan boord. Daar moest ik toch het mijne van hebben en ik sprak de havendienstmeneer even aan. Men is bezig met een voorlichtingscampagne over waar je wel en niet mag varen, zwemmen en boten aanmeren, vertelde hij. Samenwerking tussen de gemeente en de Provincie, vertelde hij erbij. Tweehonderd kilometer verderop heeft het water voor immense problemen gezorgd en is het leed niet te overzien. Hier is het een en al waterplezier. Het valt maar moeilijk te rijmen met elkaar.

Val niet te hard

Ons ommetje deden we gisteren laat in de middag toen de zon voorzichtig tevoorschijn schoof. De markthouders waren aan het opbreken, we postten een brief en de wijnboer kocht een ijsje. We keken even bij het filmhuis of er goede films draaien maar twijfelen zeer om weer in een bioscoopzaal te gaan zitten. Onder de poort die naar de Doelentuin leidt is nog steeds een stoeptekening duidelijk zichtbaar. In 2019 is deze door Rianne te Kaat hier gemaakt en de bijbehorende haiku las ik weer eens met aandacht en raakt mijn hart. Het leven is vallen en opstaan en dat geldt niet alleen voor kinderen maar ook de actualiteit op vele fronten.

Afspraken

‘Als we weer in NL zijn, maken we een afspraak’, had ik een tijd geleden tegen deze en gene geroepen. Want dat Coronajaar heeft er op sociaal gebied natuurlijk behoorlijk ingehakt. Dus begon ik vanmorgen met het uitzetten van wat afspraken lijntjes. We gaan gezellige en volle weken tegemoet, in groot contrast met ons kluizenaarsbestaan op de berg in Italië.

Ik dwarrelde wat door Delft op weg naar de kapper, de wijnboer had een afspraak met de opticien en vanavond is er een bewonersvergadering van ons wooncomplex. Een gevulde agenda, ik wist bijna niet meer hoe dat eruit zag.

En als ik dan de toren van de Nieuwe Kerk in beeld krijg, weet ik zeker dat we onze stadse periode weer ten volle gaan benutten.