De lente op gang brengen

Woensdag was ik al blij met met deze krokus die boven de bladeren uitpiepte. Vandaag besloot ik mijn lentegevoel een beetje te helpen door bij onze vaste bloemenstal wat hyacinten en narcissen op bol te kopen. Daar gaan we een paar weken plezier van beleven en daarna mogen de bolletjes mee naar Italië waar we toch in elk geval vólgend jaar weer eens wat vaker hopen te komen.

Voorlopig blijven we in NL want de berichten vanuit Umbria zijn ronduit dramatisch wat besmettingen en ziekenhuisopnamen betreft. We gaan dit weekend de lente vieren en vlak voor onze deur zijn in twee dagen tijd de krokussen in bloei gekomen. Toch nog iets om blij van te worden.

Kei tof

Een paar uurtjes was de jongste kleindochter gisteren op bezoek. Dat bleek een uitgelezen moment om samen naar beschilderde stenen te gaan zoeken. Deze stenen worden momenteel her en der in Nederland verstopt of zomaar neergelegd. Afgezien van het feit dat het een aardig idee is dat iemand een steen versiert die je mee mag nemen, of kunt her-verstoppen, kun je ook je vondst fotograferen en melden op de speciale Face Book pagina.

Op het Doelenplein was het raak en we vonden zes stenen. Twee gingen uiteindelijk mee naar Zwijndrecht, dat worden dus zwerfstenen. Als je de postcode achterop zet, kun je een beetje zien waar de steen vandaan komt. Hieronder zien we de achterkanten.

En dit zijn de voorkanten. Ook de schelp viel zeer in de smaak bij Juliet. Zij kreeg van mij wat blanco stenen en een schelp mee en gaat samen met haar zus thuis aan de slag. Keitof heet deze actie en dat is het ook.

Pipo

Dat ik hier niet eerder over geschreven heb, verbaast me zeer. De zoekterm Pipo op mijn blog leverde maar één verhaaltje op en dat ging over het Museum van Beeld en Geluid waar ik me ooit gek lachte om het bordkartonnen decor dat jarenlang voor deze populaire serie is gebruikt.

Lange inleiding om te vertellen dat je bij ons om de hoek in een heuse Pipowagen kunt logeren. Bij hotel de Emauspoort staan er twee op de binnenplaats en ik fotografeerde er een door de glazen kijkgaten in een garagedeur. Hier geen bordkarton maar alle gemak die aan een hotelkamer kan worden gesteld met douche, toilet, telefoon, televisie en zo meer. Aan alles is gedacht, zelfs een rustplek voor het ezeltje Nononono. Iedereen boven de zestig die opgroeide in Nederland kan nu met me meezingen: daar komt een ezelwagen daar over berg en dal …

Waar heb ik nou toch…?

Waar heb ik nou toch mijn mooie leren (Italiaanse!) handschoenen gelaten? Ik heb mijn handtassen nagekeken en ben ook al in de kelderberging wezen zoeken. Dat leverde tot nu toe niets op. Ineens bedacht ik ook dat ik vorig jaar twee warme coltruien had, die nu niet meer in de kast liggen. Opruimen van kleding is hier wel een dingetje en dat komt door onze jaarlijkse huizenwissel. In verband met de geplande Cubareis, die uiteindelijk niet doorging, was veel zomerkleding deze kant opgekomen. Dat was maar goed ook want een deel van de zomer hebben we in Nederland door gebracht. Ik sta voortdurend laden open te trekken en kasten uit te pluizen, op zoek naar twee truien en een paar handschoenen. En ik ben hoogstwaarschijnlijk de enige niet.

Uitgebreide familie Meerkoet

In het voorjaar heb ik tamelijk intensief het wel en wee gevolgd bij de familie Meerkoet. Eieren, aantal jongen, lege nesten; alles hield ik bij in een klein boekje dat als titel had Natuur voor Binnenblijvers. Tijdens die eerste lockdown-periode maakten, wij net als de rest van Nederland, op gezette tijden een ommetje door de buurt.

Als ik zo de Meerkoeten bezie was het voor hen een vruchtbaar jaar. Of dat andere jaren ook zo is, weet ik niet want ik hield het nooit bij. Van alle watervogels hier voor de deur zijn de meerkoeten onze favoriet. Meeuwen zijn brutale schreeuwers, reigers zijn het ene moment nerveuze fladderaars, dan weer zoutpilaren en de nijlganzen zijn hoog op de poten staande bemoeiallen. Deze kolonie Meerkoeten bestaat uit minstens twintig leden. Ze scharrelen in het gras en komt er een hond aan, dan huppen ze het water in. Het is nu genoteerd in mijn boekje en op mijn blog. Voor wat het waard is.

Het is hier al heel gewoon

Tijdens ons marktbezoek vandaag scheen de zon en zaten we op het terras van de koffiebar zelfs onder de parasol. Met het mondmasker aan één oor. Voor kinderen, de meesten dragen ze ook, zijn er leuk bedrukte maskertjes te koop.

Voor de moderne types zijn er maskers met glimmers en leuke motiefjes. Ik overweeg nog om een serie te kopen, één voor elke dag van de week. Want ik weet zeker dat Corona ons nog wel even bezig houdt en net als in Italië draag ik in NL in de supermarkt of andere openbare gebouwen toch graag een mondmasker. Ik ben echt reuze benieuwd of bij de huidige tweede golf de maskers in NL op grotere schaal gedragen gaan worden. En of het helpt. Zolang we dat niet exact weten is er ook geen reden om ze niet te dragen.

Op mijn knieën

Dit wilde margrietje hebben we getransplanteerd vanuit het grind naar een plek waar ik een wilde bloementuin beoog. Het ziet er naar uit dat ze het wel prettig vindt op haar nieuwe stek.

Deze heet hotlips en namen we mee vanuit NL. Het is salievariant die in de kruidenhoek een plaatsje vond, al moet ik nog even nagaan of hij biologisch gekweekt is. Voorlopig mag zij haar vrolijke bloemetjes laten zien. De verbena is ook vanuit NL meegekomen. De ene helft slaat aan, de andere niet. Daar vóór moet nog wat laag paars spul komen, dat we ook transplanteerden. Maar dat ziet er zo sneu uit en is ontoonbaar. Ik knip het af maar laat de wortels staan. Wie weet volgend jaar? En aldus rommelen we hier vrolijk verder.

Tegelboeket en knalkleuren

Veldboeketten, we zijn er allemaal dol op, toch? Een akker met wuivend graan en daar tussendoor korenbloemen. Of een berm met klaprozen; we kunnen er allemaal lyrisch van worden. Maar zelfs in smalle geveltuintjes willen de mooiste veldboeketten groeien. Dat is dan ook de reden dat ik de stoepen heb mee gefotografeerd als hard bewijs.

Ik kwam nog iets bijzonders tegen. Een zeer gewaagde combinatie. Zelf zou ik tegen mijn knalrode voordeur niet snel een paarse bloeier in blauwe pot zetten. Ik vind het wel humor. Overigens: we gaan pas zaterdag op weg en pikken eerst nog even de Nederlandse hittegolf mee. Ga voor mijn plezier in de koele kelder onze reisbagage sorteren.

Gelovige moestuinier

In Italië kom je vaak uitingen van het christendom tegen. Een kruisbeeld in het postkantoor, een Mariakapel langs de weg en nonnen in het wild. Hier in NL is dat uitzonderlijk en daarom was ik behoorlijk verbaasd dit tafereeltje aan te treffen in de Delftse Hout. Vlak naast de moestuin staat dit tafeltje. Regels uit een psalm en uit het boek der spreuken attenderen ons op de wonderen van de natuur en de schepper. Daarnaast ligt een praktische lijst met de prijs voor een geranium of een fuchia die er naast op de grond staan maar die ik kortgeleden vergat op de foto te zetten.

Vandaag waren we opnieuw in de Delftse Hout, nu waren er kruidenplanten te koop. Het aanbod wisselt snel en voor een luttel bedrag koop je nu een pot munt of peterselie. Wat wij overigens niet gedaan hebben want dat overleeft een twee daagse autoreis nauwelijks en ik hoop het zelf op ons terrein nog tussen het onkruid terug te kunnen vinden.

Zuid Afrika

Bij souvenirs denk ik al snel aan koelkastmagneten of parfumflesjes in de vorm van de Eiffeltoren. Niet aan mij besteed. Maar souvenir is natuurlijk een aandenken en daarvan namen we enkele tastbare mee van onze reizen. Deze olifantenkop kregen we van goede vrienden toen we bij hen op bezoek waren in Zuid Afrika waar zij jaren woonden. Zelf koop ik vaak een sjaal als herinnering aan een reis. Makkelijk mee te nemen en voor mij als grootgebruikende koukleum ideaal. De antieke olifantenkop werd in bobbeltjesplastic en deze sjaal gerold en in de koffer meegenomen naar Nederland. Zo horen sjaal en kop bij elkaar en leverde opdracht drie van de foto7daagse deze herinnering op.