Appelstroop

Weten jullie nog dat ik appeltjes meenam van onze Italiaanse appelboom? En dat ik er stroop van zou maken? Misschien interesseert het niemand maar het bleek zo makkelijk dat ik het recept toch maar onder mijn receptenbutton heb geplaatst.

De hoeveelheid water en suiker die er aan toegevoegd moeten worden, heb ik op gevoel gedaan. Er is niet al te veel stroop maar dat is prima voor dit probeersel. Voor wie een berg onooglijke appeltjes heeft en geen varkrens houdt, is dit een uitstekende methode om ze te verwerken. En ik krijg me daar toch ineens trek in pannenkoeken!

Brievenbuswandeling

Sinds het aantal brievenbussen in onze omgeving drastisch is verminderd, is een nieuwe wandeling aan ons arsenaal toegevoegd. Daartoe lopen we eerst door mijn favoriete boslaan. Ja, ik geef graag mooie namen aan onbeduidend korte weggetjes. Het asfalt is weggehaald, er komt echte bestrating.

We passeren de Tweemolentjeskade en kijken zo richting de Delftse Hout. Maar we moeten rechtsaf en zien nog meer water. Tenslotte komen we aan waar we wezen moeten wat betreft de brievenbus. Na al dat luxe gedoe met etentjes is het wel heel prettig en noodzakelijk de benen te strekken. Tussen de buien door.

Heel beschááfd

In een sneltreinvaart komt mijn sociale leven weer op gang. Vanmiddag lunchte ik tamelijk sjiek in Voorschoten met een stel oud-collega’s. Toen ik mijn kleine autootje tussen de bolides in het grind parkeerde, zag ik de een na andere heer uit stappen.

‘De heren lunchen in de serre, voor u en uw gezelschap denken we aan deze zaal, want met deze tien heren kan het misschien een beetje luidruchtig worden’ zei de man die mij als eerste ontving. Niet verkeerd toch, deze zaal? Met een blijmoedigheid die bij onze leeftijd en medische achtergrond hoort, werd in hoog tempo onze gezondheidssituatie besproken, waarna we aan een overheerlijke drie gangen lunch begonnen. De heren in de serre bleven uiterst rustig. En wij ook.

Zeventig

Met vrienden van vrienden raak je in de loop der jaren ook vertrouwd. Nu we elkaar weer ontmoetten bij de zeventigste verjaardag van de jeugdvriend van de wijnboer, was het een feest van herkenning. Zijn vijftigste en zestigste verjaardag vierden we ook met dezelfde club.

Zaterdagmiddag verzamelden we in een B&B in Hilvarenbeek. Vanwaar we met een taxibusje naar de feestlocatie, een voormalige kerk in Tilburg, werden gebracht. Daar begonnen we met een zangworkshop. Inzingen, stem- en ademhalingstechniek en tenslotte een op maat gemaakt lied voor de jarige door dit gelegenheidskoor en -orkest. Wat een succes!

Daarna schoven we aan de feestelijk gedekte tafel. Er werd gespeecht en heerlijk gegeten. Een buurvrouw van ons zei ooit: narigheid komt vanzelf op je pad, een feestje moet je zelf maken. En dát deden we dus met twintig man met volle overgave.

(Dit bescheiden fotomateriaal is van me zelf. De foto’s en filmpjes van het optreden van ons gelegenheidskoor, zijn uiterst leuk voor onszelf maar niet plaatsbaar)

Goed begin

Aanvankelijk reed ik naar de verkeerde locatie want ik wist niet dat restaurant Berg en Dal op een tennispark gelegen was. Daar dronken we koffie en aten een broodje. Ontelbaar aantal jaren zijn we bevriend. De vierde vriendin uit dit groepje van oud-collega’s woont verder weg en is helaas vaak niet in staat om aan te schuiven. Naar haar toegaan is momenteel ook geen optie; ze verzorgt een doodzieke echtgenoot.

Met de afwezige vriendin in ons hart laten we de aardige jonge ober een foto van ons maken. We zijn weer even bijgepraat en stellen vast dat onze week niet fijner had kunnen beginnen.

Het Brabantse land

‘Je moet ook nog even in het centrum rondkijken’ had een van onze mede-ontbijters gezegd, ‘want dat is de moeite waard’. En dus lopen we in fraai zonnig herfstweer richting centrum Hilvarenbeek. Het is koud geweest met lichte nachtvorst.

Inderdaad, wat een verrassend fraaie plaats, we waren hier nooit eerder. Nou ja, gisteren ook want er was iets te vieren. Maar daar hoop ik de komende week op terug te komen, zodra er wat foto’s zijn doorgemaild.

Nu laat ik de toeristische plaatjes zien van dit Brabantse plaatsje waar we zo gastvrij en bijzonder zijn onthaald. De tekst onder de buste van Anton van Duinkerken kon niet toepasselijker slaan op de afgelopen 24 uur.

Niet te tillen

Istie nou nieuw of staat het hier al langer? We weten het niet en bekeken de bank uitvoerig. Op de rand zijn al wat mozaïekstenen weg, dus waarschijnlijk staat deze bank op het Raam hier al jaren zonder dat het ons opviel. Zijn onbedekte broer staat er wat kaal naast.

En nu we het toch over meubilair hebben. Deze zware fauteuil tilden wij twee trappen af. Maar bij de eerste trap kwamen we beneden klem te zitten. Even dachten we dat onze levens voortaan gescheiden op twee etages vervolgd zouden worden. Ik boven, de wijnboer beneden. De stoel tussen ons in. Na een hoop gewurm en gelach kwam het toch nog goed. Dit is voortaan de voetbalwedstrijdkijkstoel. Maar verder leven we gewoon gezellig samen zonder enige barrière.