Zorgzaam

Deze vogelverschrikker jaagt hopelijk de meeuwen weg zodat de baby meerkoetjes rustig kunnen opgroeien en niet opgegeten worden. Op een geplastificeerd A4tje werd mij, argeloze passeerder op weg naar de kapper, verteld wat hier aan de hand is. Natuurlijk keek ik even in het nest. Daar zag ik drie donsjes én het achterste van een van de ouders die net een duik nam op zoek naar voedsel voor het kroost. De andere ouder en spruit nummer vier zwommen een eindje verder weg.

Het is een tamelijk keurig nest, zonder veel zichtbaar plastic afval. In de NRC van gisteren las ik dat Auke-Florian Hiemstra promoveert op zwerfafval als bron van nestmateriaal bij meerkoeten. Hij is op zoek naar burgerhelpers die een nest een tijd willen volgen. Het is dat we over een week vertrekken naar verre oorden, maar anders had ik me graag aangemeld.

En ik ging zo tevreden van huis

Er moest iets opgehaald worden in het Haagse Statenkwartier. Dan kunnen we aansluitend wel even in de Scheveningse Bosjes gaan wandelen, was het idee. Ik begon al op het Statenplein een eerste foto te maken. Toen één in de bosjes.

Door de bomen heen zag ik links de villa’s aan het Van Stolkpark. Zien jullie ze ook? Misschien is het toch wel leuker en afwisselender daar te gaan lopen dan al weer in een groenstrook in de stad.

Dus vergaapten we ons aan dit soort huizen. Met mooie veranda’s, grote tuinen en veel alarminstallaties. Mijn ouders riepen vroeger dan steevast ‘…en ik ging zo tevreden van huis’. Als grap, hè. ‘Je mag trouwens wel inwonend personeel hebben om de boel binnenshuis een beetje knap te houden als je zo wilt wonen’, zeiden we tegen elkaar. En heus, op het zelfde moment zagen we een Aziatische mevrouw met een poetslap de balkonrand schoonmaken. Wij keerden in elk geval weer zéér tevreden naar huis, waar de wijnboer zo lief was even de woonkamer te stofzuigen.

Let op de hond en zijn baas

Nu het clubhuis van de roeivereniging niet bezocht mag worden, staan op zondagochtend ouders van jonge roeiers langs het kanaal te kijken en te babbelen. Of ze oog hebben voor de prachtige bloesem van de Japanse Kers kan ik niet beoordelen. Ik geniet er nu dagelijks van. Mij viel ook de houding van de hond op. Zou de baas het ook zien? Ik hoefde me geen zorgen te maken, er werd actie genomen. Op zonnige dagen zitten en liggen hier mensen in het gras, vooral zij zullen een poeploos veldje erg waarderen. Ik maakte ook nog maar een foto van de uitbottende zomerlinde vlak voor ons huis. Nog éven en ons zicht naar de Vermeerstraat is volledig verdwenen. Altijd wat te beleven hier.

Voortborduren

Mijn moeder schreef haar voor en achternamen, mijn vader zette gewoon zijn handtekening met potlood op ons tafelkleed. Zij deden dat op mijn verzoek. Later borduurde ik hun namen in en na het wassen zag je niets meer van de potloodresten. Zo deed ik dat jarenlang met mensen die bij ons aan tafel zaten. Twee Australische nichtjes, waarvan de jongste nog maar net kon schrijven. Hun ouders staan in hetzelfde hoekje. Echtparen die uit elkaar gingen, mensen die inmiddels overleden zijn, mensen met wie we geen contact meer hebben en mensen met wie we nog steeds bevriend zijn; allemaal zaten ze bij ons aan tafel.

Toen ik het kleed kort geleden in handen had, zag ik dat onze zoon en zijn gezin nooit geborduurd waren, slechts wat vage potloodstrepen waren zichtbaar. Daar ben ik werk van gaan maken, ik kocht borduurzijde en ging aan de slag. Het wordt tijd dat onze dochter en haar gezin hier weer eens komen eten, zij staan er niet eens op! Ik ga deze gewoonte maar weer eens nieuw leven in blazen. Dit tafelkleed biedt nog genoeg ruimte en ik hou er van mensen uit te nodigen voor het eten. Het wordt een kleed vol herinneringen én met de onvermijdelijke vlekken die er niet meer uitgaan. Dat laatste is niet zo belangrijk, daar kan altijd het zoutvaatje neer gezet worden.

Beeldig

‘We zullen jullie ook eens een leuke plek in Zwijndrecht laten zien’, hadden de kleindochters gezegd na een rondwandeling in Delft. ‘Er is een beeldentuin, dat is echt iets voor jullie.’ En zo kwam het dat we zaterdagmiddag in het beeldenpark Drechtoevers liepen. Aanvankelijk had de jongste er niet zo’n zin in maar na afloop zei ze uit zichzelf blij te zijn dat we gegaan waren. Ach, zo gaat het het bij jonge kinderen nogal eens. Ben je lekker thuis aan het spelen, moet je met je opa en oma uit wandelen! Als kind had ik er een bloedhekel aan om op zondagmiddag met mijn ouders een verplichte wandeling te maken. Het werd gisteren een leuk uitstapje waarbij we over en weer foto’s maakten. De echte kunstzinnige beelden en de oevers waaraan dit park gelegen is, laat ik een andere keer nog zien.

Een missie met hindernissen

Al twee keer was ik deze week over de Nieuwe Plantage gereden zonder te kunnen stoppen. Na schooltijd wordt het glooiende park nu gebruikt als sneeuwhelling. Met alle bijbehorende pret. Dus ik er lopend op af vanmiddag. Ik kan langdurig kijken naar spelende kinderen. Voor hen ben ik zó blij dat na die eeuwig lijkende periode van thuisonderwijs en grauwe dagen nu onbekommerd weer met klasgenootjes en vriendjes kan worden buiten gespeeld. Het suffe was dat na drie foto’s de batterij van mijn camera leeg bleek en ik ook mijn mobiel niet had meegenomen. Bloglezers moeten het dus vandaag doen met deze foto’s. De sleetje rijdende kinderen, hun ouders en ik hadden véél meer pret dan ik kan laten zien, geloof me maar.

Lego

Sinds een familieprogramma op tv over Lego zijn onze kleindochters aan het bouwen geslagen. Toen ze hier gistermiddag een paar uurtjes kwamen spelen om thuiswerkende ouders te ontlasten, werd dan ook enthousiast aangevallen op de grote voorraad die hier in onze kelderberging is opgeslagen. Onze zoon was een fanatiek Lego bouwer, vooral van technisch Lego. Zijn eigen kinderen hebben er nooit echt veel belangstelling voor gehad.

Isabel begon meteen te bouwen en te spelen. Juliet nam een bouwtekening en begon samen met mij de onderdelen te sorteren. Maar toen we na driekwartier nog steeds kleine onderdelen in die grabbelton aan het uitpluizen waren, schoof ze richting haar zusje. Samen lieten ze hun fantasie de vrije loop en zat oma op haar knieën lego onderdelen in diverse bakjes te stoppen. We hadden een heerlijke middag.

Honds

Het blijft leuk om vanachter mijn cappuccino de hondenuitlaters te bestuderen. Er zijn honden die hun baas mee trekken en andersom. In de laatste categorie hoort de man met de tekkel die we dagelijks zien. Ze zijn alle twee niet zo jong meer, de man loopt evengoed aanzienlijk sneller dan zijn kortpotige vriendje. Nu de bomen zo kaal zijn hebben we goed zicht op wat er allemaal voorbij trekt. Ik zou ook hele series kunnen maken van ouders met wandelwagens en van hardlopers. Of van bukkende hondenbezitters die net eh… de drollen via een zakje oprapen, dichtknopen en in de daarvoor bestemde bak gooien die hier vlakbij staat. Enfin, veel cappuccini drinken en de blogonderwerpen dienen zich vanzelf aan.

Kicks voor niks

Om naar de Ezelsveldlaan te komen, pak ik meestal de fiets, zo ook vanmiddag. De straatnaam klinkt al prettig historisch. Op weg naar mijn afspraak passeer ik de Oostpoort. Over historisch gesproken! We wonen al achttien jaar in Delft maar middeleeuwse gebouwen blijven me boeien. Moeiteloos stel ik me voor hoe net buiten deze stadspoort de ezels graasden, de voorlopers van de huidige pakketbezorgers. Het ziet er op de foto’s verstild uit maar het tegendeel is waar. Vlak achter me ging een school uit en de wachtende ouders stonden ruim verspreid de straat behoorlijk te blokkeren. Bovendien stond ook de fietsbrug van de Oostpoort open, een drukte van belang. En daar zie je lekker niks van, alle storende elementen liet ik weg en daar heb ik dan in mijn eentje schik in.

Stenen vondsten

Op de grens van terras en het Jop-en Britteplantsoen schiet het onkruid al weer omhoog. We noemen dit hoekje nog steeds naar de kinderen van een vriendin van onze dochter, die hier jaren geleden met haar tweeling de stenen in cement legde. Voor nu geloof ik het wel wat het onkruid betreft. Wie weet vriest het de komende winter wel kapot en anders zie ik het ’t volgend jaar wel weer. Nee, ik trof er een veel aardiger vondst vlakbij aan. Op een rotsrichel lagen deze handbeschilderde stenen. Dat moet werk zijn geweest van twee knutselende kleindochters. Of hadden ook de andere kleinkinderen en hun ouders hier hun aandeel in? Vanwege de regenbuien heb ik ze maar binnengehaald. Als ik volgend jaar op onkruidjacht ga, leg ik ze weer terug. Of we vernissen ze en metselen ze in.