Brood en spelen

Zou het niet te warm zijn om buiten te eten, vroegen we ons af. Maar het was prima te doen onder de pararols bij All’ Antico Frantoio. En als je even niet naar de tafel kijkt, waar overigens bij mij eerst een vitello tonnato en vervolgens een bordje truffelpasta verscheen, dan heb je dit uitzicht. Allemaal dik in orde.

Het Teatro Romano is nog steeds in gebruik en we hebben er al menig voorstelling bijgewoond. Vanaf 11 juli tot 22 augustus is er dagelijks geprogrammeerd en we moeten maar eens bezien of er iets van onze gading bij is op momenten dat we hier zijn. Boven de stad is vanaf de Monte Ingino nog net de Basiliek van de Heilige Ubaldo te zien. Hij waakt over ons, zeggen de inwoners van Gubbio. Daar sluiten we ons dus maar bij aan.

Achterkanten en meer

Op weg naar onze lunchafspraak liepen we langs deze huizen. Scheve aanbouwsels, een stapel verroeste stoelen; op ons eigen erf wil ik het netter, bij een ander vind ik het wel schilderachtig. Maar goed, daar ging het vanmiddag niet om. We hadden een afspraak met mijn nichtje en haar man, die net als wij deeltijd in Italië wonen. Halverwege onze huizen is de Monte Cuccu en daar zouden we afspreken bij Dal Lepre. Dat restaurant sloot echter op die berg zijn deuren en heropende in Gubbio. Een goede reden om dus dáár met z’n vieren de zondagse pranzo te houden. De familie zat al te wachten, de wijnboer besluipt hen.

Het is zo’n licht bewolkte dag, de temperatuur een graad of zesentwintig, het eten was perfect, de gesprekken genoeglijk en het tevreden gevoel na afloop droop weer van ons af. Kijk, mede voor andere vaste bezoekers van Dal Lepre, dat zijn naam een klein beetje aanpaste, maakten we deze foto. Stralend toch?

Sfeertje

Vanmiddag waren we voor het eerst sinds onze terugkeer in het centrum van Gubbio, de stad die ons net zo vertrouwd voorkomt als Delft. Het is hier allemaal een stuk kleinschaliger, deze streek is niet zo dicht bevolkt als de Randstad. Wél volk op straat maar aangenaam wat hoeveelheid betreft. We gingen naar een favoriet restaurant waar we allerhartelijkst begroet werden. Na het uitwisselen van de standaard praatjes als ‘welkom terug en gaat alles goed’ genoten we van een heerlijke pranzo. Terwijl de wijnboer zichzelf na afloop nog op een ijsje trakteerde, schoot ik wat sfeerbeelden van deze middeleeuwse stad. De voorspelde regen was vannacht al gevallen, dus de rest van de middag waren we op ons erf. Zogenaamd om een beetje rustig aan te doen, maar al snel werden de handen weer uit de mouwen gestoken en trokken we gedurende een uurtje nog wat onkruid uit.

Eén voor twee

Crema Chantilly heet het nagerecht dat we na de pranzo gebruikten bij een van ons favoriete restaurants in Gubbio. Uno per due bestellen we dan en daarvan kijkt men hier totaal niet op. We deelden dit verrukkelijke dessert dat voornamelijk uit slagroom, suiker en vanille bestaat.

Afgezien van ons driedaagse reisje door Toscane, hebben we hier een gewone zesdaagse werkweek. Gistermiddag legden we drie aardbeienheuveltjes aan en plantten we nog wat vaste planten langs de randen van de ‘rozentuin’. Vanwege de verwachte regen werd een groot deel van het tuinmeubilair al opgeruimd en het erf werd zoveel mogelijk winterklaar gemaakt. Voor de derde week op rij regent het op zondag. Het mag een wonder heten dat we droog wegkwamen in Gubbio. Zondag staat voor ons dus in het teken van eten en drinken en uitrusten. Precies waar deze dag voor bedoeld is.

Zondagse visite

Vandaag waren mijn nicht en haar man hier op bezoek. Net als wij wonen ze periodes in Italië en in hun geval ook in Zwitserland. Vrijwel elk jaar lukt het ons een afspraak met elkaar te maken (en ik schrijf er ook telkens een blog over). Zo’n dag met anderen om ons heen is een aangename afwisseling in ons tweezaam leven hier. De familieband is voelbaar, de interesses zijn gelijk en de gesprekken goed. Natuurlijk maakte ik een uitgebreide zondagse pranzo. Mijn nicht nam heerlijke zelf gebakken broodjes mee die onder meer gemaakt waren met druivenmost, een specialiteit uit Le Marche. Ze gaf ons zelfgemaakte lavendeltinctuur en als klap op de vuurpijl bloemen uit eigen tuin. En een bos bloemen die krijg ik hier zelden. Heel blij mee dus en ik kon haar alleen maar een elleboogje geven als bedankje.

Washandschoen

Al een paar jaar kijk ik graag naar het tv programma Wie is de Mol, kortweg WIDM. Sinds kort kijkt de wijnboer mee. Op mijn verzoek. En omdat het zich in deze jubileumeditie in Italië, preciezer gezegd in Toscane, afspeelt zitten we er beiden van te smullen. Vandaag zijn we in San Quirico d’Orcia aangekomen en blijven hier voor een dag of drie. Wie de drone-beelden uit WIDM nog op zijn netvlies heeft, had ons vandaag kunnen zien slingeren door dit prachtige landschap. In de regen. We zijn in Zuid Toscane en de weersverwachting voor de komende dagen is goed. Dan hoop ik het mooie landschap te kunnen laten zien. Hou ik het nu even bij een natte straat waar we vliegensvlug een trattoria inschoven voor de zondagse pranzo. De werkhandschoenen doen we aan het eind van de week weer aan.

Corona/kroon

Onze kroonjaren vieren we meestal tamelijk uitgebreid maar dit keer werd het dus een Coronafeestje en dat wil zeggen dat we met ons eigen gezin een pranzo hadden. Het viel sowieso niet mee om met tien personen uit drie huishoudens op een zondagmiddag ergens aan tafel te schuiven maar bij het Art Centre Delft was men bereid met ons mee te denken en te organiseren. Alle hulde voor hen. Ik kreeg van kinderen en kleinkinderen lieve cadeautjes die zorgvuldig waren uitgezocht. Toch is mijn grootste cadeau het samenzijn als gezin, daar kan wat mij betreft niets tegenop. En dat we heerlijk buiten konden zitten was ook al een bonus. Na afloop wandelden we door het park, de beeldentuin en de moestuin. Er werden nog heel veel foto’s gemaakt maar die laat ik morgen wel zien.

Luie zondagmiddag

Vanmorgen deden we nog wat kleine klusjes nadat we tot half acht uitgeslapen hadden. Dit is voor mij een wonderlijke constatering want ’s winters draai ik me om die tijd nog een keer om. Enfin, na de klusjes en het wekelijkse telefoontje naar mijn moeder, gingen we naar Gubbio om te lunchen. Een beetje klimmend lopen we de warme stad in, passeren hier en daar een mooie doorkijk en worden als oude bekenden begroet bij het restaurant van onze keuze. Na afloop trakteert de wijnboer zich op het onvermijdelijke ijsje en langzaam slenteren we weer door de zelfde straat terug naar de geparkeerde auto. De rest van de dag brengen we luierend door. Het is onze favoriete invulling van een zomerse zondag.

Misverstand

De naam van mijn blog zegt het al, we wónen in Caldese. Het is dus geen vakantie. Gisteren reageerde Sjoerd, hij vindt dat we zo hard werken. Nou mensen, dat doen we met liefde . We zijn trots op hoe we hier wonen en wat we in de loop der jaren tot stand hebben gebracht en dan is het logisch om dat te onderhouden. Wekelijks gaan we een dag op pad en hebben dan wél direct een vakantiegevoel. Op weg naar ons doel gisteren, reden we voorbij Assisi. Dan móet ik even de auto uit om een foto te maken.

Nog zomaar een detail onderweg. Daar genieten we van. En wat te denken van de pizza die we voor de pranzo in een eenvoudige tentje aten? Instant vakantiegevoel. Na afloop deden de weekend boodschappen en eenmaal thuis hebben we nog een uurtje wijn gebotteld. Zo’n dag is een zalige mix van in-en ontspanning. En waar we geweest zijn, vertel ik morgen.

Kom gerust naar Umbria

Hoe de situatie hier is in Italië, vragen jullie je af? Wat Corona betreft, dat hier consequent Covid 19 genoemd wordt, goed. Wat Umbria betreft zelfs uitstekend. In deze dun bevolkte streek zijn geen doden te betreuren. We gingen vanmorgen even bij de buren langs die maanden lang in thuisquarantaine hebben moeten doorbrengen. Aanstaande zondag openen zij voor het eerst de deuren van hun restaurant en pas eind juli ontvangen zij de eerste vakantievierders. Het zijn economisch gezien dramatische tijden ook voor hen. Toch zijn ze lakoniek, ze hebben deze periode goed gebruikt door de gastenaccomodatie op te knappen. Ik ken meerdere mensen in de toeristenindustrie in Umbria en Le Marche. Zij verwelkomen héél graag Nederlandse gasten. Ieder die twijfelt om te gaan, zou ik aan willen sporen. In winkels is het mondkapje verplicht en de afstandregels zoals in Nederland zijn ook van kracht. Maar verder? Het is hier fantastisch. Ziet onze eerste echte Italiaanse pranzo er niet verrukkelijk uit?