Mannen en machines

Dit is ons parkeer terrein waar het onkruid welig tiert. Of beter gezegd tierde. Vandaag kwamen er sterke mannen, een bobcat en een vrachtwagen met nieuwe steentjes.

Eerst werden de geulen onderaan de helling uitgegraven. In de loop der jaren waren die dicht geslipt met blad en troep. Het zijn karweien die je met alleen mankracht nauwelijks voor elkaar krijgt. Vandaar de mannen met machines. De bovenste laag van het parkeerterrein werd afgeschraapt en een nieuwe lading gekiept. Van alle materiaal dat verplaatst is, hebben we ineens een nieuw plateau naast de ingang. Ik ga het morgen laten zien, want de laatste hand (lees lading) wordt nog gelegd.

Na het menu van de dag gewoon weer aan de slag

alles staat klaar voor het boogschieten

Voor het eerst in deze periode hebben we regen. Forse buien met gisteren zelfs wat hagel. De grond snakte ernaar maar het tuinwerk kwam wel stil te liggen. En het internet ook. Goed, vanmiddag naar de stad voor de zondagse pranzo. Het is de laatste zondag in mei en dan wordt er altijd een wedstrijd gehouden in kruisboog schieten. De hele entourage is voor de gelegenheid in middeleeuwse kleding gestoken en dat levert vaak prachtige beelden op. Het spektakel begint om vier uur en om half drie, toen wij van tafel gingen, was er nog niets opwindends in de stad te zien. We besloten het feest het feest te laten om met veel geduld maar uiterst fanatiek nog een uurtje in de tuin onkruid tussen de witte steentjes uit te peuteren.

nog niets opwindends te zien

Een rondje mooi

‘Wat staat jullie huis prachtig midden in de natuur’, zei de man die vanmorgen langs kwam om een offerte te doen voor wat werkzaamheden op ons terrein. En gelijk heeft ie. Het is goed om het van een buitenstaander weer eens te horen, want onkruid wegplukkend verbaas ik me vaak meer over het oprukkend effect van de natuur dan dat ik er de schoonheid van in zie.

De brem staat in volle bloei en geurt fantastisch, de witte rozen aan de voorkant van het huis gaan als een speer, zeker nadat ik allerlei wilde ondergroei heb verwijderd. En dan de pioenroos die een afstammeling is uit de tuin van Oma Moeke! Dat is toch echt en plaatje. Onze strijd tegen ongewild groen gaat onverminderd door, maar mensen lief, wat is het hier mooi!.

Toch een beetje hemels

Hemelvaartsdag wordt hier in Italië niet als een vrije dag gevierd. Toch besloten wij er een klein beetje vrije dag van te maken door vanmorgen niet meteen op het erf aan de slag te gaan maar eerst in de stad bankzaken te regelen. We haalden bekleding voor de tuinbank op en kochten compoststarter. Daarna mochten we van ons zelf koffie drinken boven op de Monte Ingino. Daar is bovendien de Basiliek van de heilige Ubaldo, de patroonheilige van Gubbio voor wie hier een maand lang festiviteiten worden gehouden. Zijn gemummificeerde gestalte ligt in een gouden schrijn. Al bijna tien eeuwen is hij dood maar zijn nagedachtenis is bijzonder levend.

Tijdens de koffie genoten we van het uitzicht en na onze lunch thuis, trokken we de werkkleertjes weer aan. Want hemels of niet…laag bij de grond is nog genoeg onkruid weg te halen.

Leuker dan wieden

Voor het eerst sinds onze aankomst maandag, verlieten we onze berg voor een paar uur. De band van de kruiwagen moest worden opgepompt bij het benzinestation. Bij de meubelstoffeerder bestelden we stof waarmee ik de buitenbank opnieuw ga bekleden. Dat gaf nog aardig wat spraakverwarring maar komt goed. Wordt nog een heel project en daar ga ik het later nog wel eens over hebben. We kiepten vuilnis in containers aan de voet van de berg en kochten verse melk voor de cappuccini. Maar uiteindelijk was dat allemaal een opmaat naar het leuke tuincentrum in Gualdo Tadino.

Salvia, munt, een leuke bodembedekker (waarvan ik nu de naam al niet meer weet) en een paar geraniums. Daar heeft een mens toch zin in, hè. De boel een beetje opfleuren, onkruid wieden kan altijd nog.

Spanning en struikelstoepen

Alle huizen aan het Haagse Sweelinckplein hebben de status van Rijksmonument én dat is zeer terecht. Zie ook een eerder blog van me (klik). Het spanningshuisje op het plein is knap beschilderd en vanaf het punt waarop ik stond lijk je er dwars doorheen te kijken. Mooi gedaan door Jille van der Veen in 2019. Het middendeel, dat een parkachtige allure heeft, verdient wel wat extra zorg van de plantsoenendienst, vind ik.

In twee hoeken is nieuwe aanplant gedaan. De afzetlinten moeten er voor zorgen dat deze delen niet betreden worden. Maar het was jammer genoeg nogal doorgeschoten, rommelig en vol met onkruid. De bankjes zijn tamelijk verveloos en de stoepen er omheen zo ongelijk dat ik voortdurend naar beneden moest kijken om niet te struikelen. Evengoed heb ik natuurlijk erg van deze oase genoten waar ik samen met een zusje wat wandelde, van de zon genoot en elders op een terrasje neerstreek. Een maandagmiddag in vakantiestemming.

Tuin op maandag

Onkruid bestaat niet, het zijn plantjes op de verkeerde plek, zeg ik altijd maar. Neem nou dit boeketje. Toch moest het eraan geloven. Even heb ik nog gedacht het daadwerkelijk in een vaasje te zetten maar nee hoor. Overal waar ik kijk staan de mooiste boeketten op plaatsen waar het van ons wel mag staan. Kijk maar hier.

Geen idee welke planten hier door elkaar heen groeien en ja, ik heb een app waarop het na te kijken is maar geen zin in en tijd voor. Ik kiek ze vóór ze geëlimineerd worden, geniet nog even van hun eigenwijs gedrag en vervolg mijn missie in het grind.

Sfeertje

Vanmiddag waren we voor het eerst sinds onze terugkeer in het centrum van Gubbio, de stad die ons net zo vertrouwd voorkomt als Delft. Het is hier allemaal een stuk kleinschaliger, deze streek is niet zo dicht bevolkt als de Randstad. Wél volk op straat maar aangenaam wat hoeveelheid betreft. We gingen naar een favoriet restaurant waar we allerhartelijkst begroet werden. Na het uitwisselen van de standaard praatjes als ‘welkom terug en gaat alles goed’ genoten we van een heerlijke pranzo. Terwijl de wijnboer zichzelf na afloop nog op een ijsje trakteerde, schoot ik wat sfeerbeelden van deze middeleeuwse stad. De voorspelde regen was vannacht al gevallen, dus de rest van de middag waren we op ons erf. Zogenaamd om een beetje rustig aan te doen, maar al snel werden de handen weer uit de mouwen gestoken en trokken we gedurende een uurtje nog wat onkruid uit.

Afscheid van onze vaste medewerker

Hoewel we het huis in goede staat aantroffen, was er op het erf wel het een en ander gebeurd. En dan doel ik niet op overwoekerend onkruid, want dat verhaal kennen jullie inmiddels wel. Nee, het houten hek, was deels ingestort. Er waren al foto’s van doorgestuurd maar de werkelijkheid ziet er altijd nog wat sneuer uit.

Oók behoorlijk sneu ziet Rinus er uit. Deze vogelverschrikker, van oorsprong een sinterklaassurprise (klik) hebben we inmiddels hartelijk bedankt voor zijn dienstjaren. Hij stond bij de moestuin maar die is, vanwege het feit dat we hier niet aaneengesloten periodes kunnen zijn, toch al jaren buiten gebruik. Rinus hoeft niet vervangen te worden en over een alternatief voor het hek zijn we aan het nadenken.

Stenen vondsten

Op de grens van terras en het Jop-en Britteplantsoen schiet het onkruid al weer omhoog. We noemen dit hoekje nog steeds naar de kinderen van een vriendin van onze dochter, die hier jaren geleden met haar tweeling de stenen in cement legde. Voor nu geloof ik het wel wat het onkruid betreft. Wie weet vriest het de komende winter wel kapot en anders zie ik het ’t volgend jaar wel weer. Nee, ik trof er een veel aardiger vondst vlakbij aan. Op een rotsrichel lagen deze handbeschilderde stenen. Dat moet werk zijn geweest van twee knutselende kleindochters. Of hadden ook de andere kleinkinderen en hun ouders hier hun aandeel in? Vanwege de regenbuien heb ik ze maar binnengehaald. Als ik volgend jaar op onkruidjacht ga, leg ik ze weer terug. Of we vernissen ze en metselen ze in.