De kunst van het niets doen

Afgezien van de dageljkse routineklusjes in het huishouden deed ik gisteren niet echt iets nuttigs. En dat bevalt mij dan maar niks. Ik wil een paar vierkante meter onkruid weg kunnen plukken of de aardbeien controleren en fatsoeneren. Ik wil elke dag wat áf kunnen vinken.

Mijn rug en de warmte zijn spelbrekers. Dat laatste is te verhelpen door een tropenrooster, dat eerste alleen met rust en oefeningen. Dus terwijl de wijnboer rond zes uur vanmorgen in de wijngaard nuttige dingen deed, sloop ik rond om foto’s te maken in het ochtendlicht en deed daarna wat oefeningen.

Later op de ochtend deed ik, zittend in de schaduw, een klusje. Daar kom ik beslist later in het jaar op terug.

Was het maar altijd juni

Heel wat sneller dan een kudde schapen ging onze onvolprezen tuinhulp gistermiddag het gras te lijf. Zijn tempo lag hoog en kruiwagens vol groen spul werden in grote hoeveelheden afgevoerd naar een geul die we daarvoor bestemd hebben. De compostbakken stromen namelijk al over.

Uit de wijngaard, waar ook een oude kersenboom staat, nam de wijnboer heerlijk zoete kersen mee. Zelf hou ik me vooral bezig met het laag-bij-de-grondse werk zoals het verzorgen van de potplanten, onkruid wegplukken en het schoonvegen van het terras. Aan het eind van de dag stond alles weer op zijn plaats. We eten om half negen en stellen vast dat juni met zijn lange dagen een heerlijke maand is.

Overzichtelijk

Een kudde schapen zou een week lang plezier kunnen hebben in onze tuin. Maar we kunnen het gras ook maaien. En dat gaat vanmiddag gebeuren. Eerst een lange middagpauze want met 31 graden is rust op het warmst van de dag wel een goed idee.

De wisteria had uitlopers van minstens twee meter, daar wist de wijnboer vanmorgen wel raad mee nadat hij gistermiddag de wijngaard op de zelfde manier had gekortwiekt.

Hier is het onkruid echt uitbundig bezig geweest want je zou alleen maar grind moeten zien. Echt een klusje om op te delen en elke dag een stuk onder handen nemen. Het achtergrondkoor bestaat uit vogels, krekels en zoemende bijen. Mijn rug geeft wel aan wanneer ik op de bank met een boek mag.

Glas (dag 2)

Zodra deze flessen weer op de grens naar de wijngaard staan, weten we dat het gastenseizoen is aangebroken. ’s Winters liggen ze omgekeerd ergens tussen de struiken zodat ze niet kapot vriezen. De vakantievierders van vorige week hebben ze al naar boven gehaald. Nu is het alleen nog zaak het grind er omheen onkruidvrij te maken. Daarmee zijn we al een heel eind gevorderd en vóór zaterdag nieuwe gasten arriveren, ziet alles er strak uit. Kwestie van elke dag een uurtje plukken en pulken.

#foto7daagse #f7d #heelhollandfotografeert #dag2 #glas

Nuttige keukenhulpen

Maandag is meestal een werkdag hier. Dus begon ik vanmorgen, toen het nog droog was, onkruid weg te halen en de rozentuin te fatsoeneren. Mijn twee hulpjes waren er ook. ‘Oh, deze bloem is zonde om weg te gooien, even een vaasje halen. Zal ik deze herplanten? Waar is mijn zonnebril want de lucht is zo scherp.’ Enfin, mijn mand vulde zich desondanks met onkruid en grasjes.

Na de lunch begon het gestaag te regenen. Samen met hun moeder begonnen ze een heerlijk driegangen diner voor te bereiden. Ik heb nog geen hap op maar vind het nu al lekker.

Bloeddruk verlagend

In het TV programma Binnenste Buiten was gisteren een natuurfilosoof en die zei onder meer ‘Iedereen voelt zich prettig in de natuur, wij zijn zelf natuur. Je bloeddruk daalt ogenblikkelijk als je in een natuurlijke omgeving bent’. Ik kan me daar helemaal in vinden. Het zal een van de redenen zijn dat wij het wonen hier in Caldese zo geweldig vinden. Werk wil nog wel een stress opleveren. Zeker als er tijdsdruk is. Maar werken in de tuin, al is het maar onkruid weghalen, is weldadig. En jullie zouden het hoofd van de wijnboer eens moeten zien als ie na een ochtend noeste arbeid uit de wijngaard terugkeert. Gelukzalig.

Kruidenvrouwtje, nieuwe poging

Er moest, vond ik, nodig weer eens een hoekje op ons terrein geschoond worden. Want waar wij steentjes hebben laten storten, zien we liever geen groen. Maar wat een mens dan zoal verwijdert, doet me bijna inzien met wat een onmogelijke taak ik me belast. Daarom mocht dat moois, dat ik weiger onkruid te noemen, nog even op de foto en vervolgens in een vaasje. Dan is er nog het sint Janskruid. Vorig jaar ben ik bezig geweest er een smeersel van te maken maar dat mislukte; het begon te schimmelen. Nu weet ik inmiddels dat het potje minstens veertien dagen in de volle zon moet staan. Daarna kan ik de olie op mijn rimpels smeren. Ik ben bang dat het te weinig is.

DSC_0003

DSC_0004