Zo’n echte Italiaanse familie-zondag

Voor de zondagse pranzo reden we vandaag naar Le Marche. Daar woont mijn nicht met haar man. We brachten de kratten terug waarin vorige week rode druiven aangeleverd waren. Maar het ging natuurlijk niet zozeer om die kratten. Het ging om een gezellige familie bijeenkomst omdat ook haar broer, mijn neef dus, met zijn vrouw daar een week logeren. Wij namen alvast een eerste fles net geperste wijn mee die geproefd kon worden. De meningen over de smaak liepen een uiteen. Mijn wijnboer is vooralsnog tevreden en denkt dat het uiteindelijk een zeer acceptabele wijn kan worden.

We schoven om de gastvrije tafel en werden getrakteerd op een heerlijke herfstige maaltijd met onder andere een stoofschotel van wild zwijn. Dat smaakte ons heerlijk en voelde een beetje als genoegdoening voor de zwijnenstal die aangericht was in onze wijngaard. Daarna kwamen de familieverhalen los en zongen we nostalgische liederen zowel uit het Italiaanse repertoire als uit de familie.

We maakten een klein rondje over het erf, zagen de moestuin, bewonderden nieuwe schuren, controleerden de olijvenoogst en maakten dat we snel weer het warme huis ingingen want mensenlief, wat is het fris momenteel. Daar stond de koffie voor ons klaar en kregen we nog een mandje met moestuinoogst mee toen we ons los moesten scheuren van alle gezelligheid en op huis aan reden.

En de boer, hij ploegde voort…

Vóór het eind van de middag en morgen worden bakken met regen voorspeld. Mijn nichtje en haar Italiaanse man hadden gelezen dat onze wijnoogst nogal karig is dit jaar en boden tot onze vreugde dertig kilo rode druiven aan. Die worden morgenochtend gebracht door mijn zusje en zwager, die hier in de buurt vakantie vieren. Die druiven moeten wel zo snel mogelijk verwerkt worden. En zo kwam het dat we deze zondagochtend met z’ n tweetjes onze eigen druivenoogst binnenhaalden.

Ik liep voorop en haalde alle beschermhoesjes van de trossen af. De wijnboer zelf knipte en pulkte minder mooie of onrijpe druifjes er tussenuit. Het is nu allemaal droog binnen, een hele zorg minder. En dan gaan we, precies een week na de witte, morgen de rode wijn maken.

Heden

Alsof we niet weg geweest zijn. Gisteravond om negen uur waren we weer thuis in Caldese, het was al donker toen we aankwamen dus de buitenboel kon niet geïnspecteerd worden, dat deden we vanmorgen. En het viel zeker niet tegen al zijn de snoeischaar en de bezem wel direct weer ter hand genomen. We maken er een rustige opstartdag met het doen van boodschappen en de pranzo in Gubbio. We kwamen terecht bij Fabiani waar we vanwege een slechte ervaring al zeker tien jaar niet meer waren geweest. Nieuwe kok, aardige bediening, heerlijke maaltijd. Zowel binnen als buiten ziet het er prettig Italiaans uit. Morgen gaan we maar weer eens op ons gemak bezig op het Caldeser erf.

Zaad en truffel

Toen ik de verdroogde bloemen uit de afrikaantjes knipte, bedacht ik dat ik wel even kan laten zien, hoe ik de bloemen sloop om de zaadjes eruit te krijgen, al ga ik er eigenlijk vanuit dat elke tuinliefhebber dat wel weet. Met verdorde bloemblaadjes en al bewaar ik het in een papieren zakje en verdeel ze het volgend voorjaar over drie buitenpotten, kruimel daar nog wat aarde over, af en toe wat regenwater en succes gegarandeerd. Hele jaar plezier van.

Van een lieve Italiaanse familie kregen we truffels, een heel bakje vol. Dat wilde ik meteen verwerken en kookte spaghetti met daarover los geruld ei waar de truffels op werden gestrooid die de wijnboer had zitten schaven. Van de overgebleven truffels heb ik met olie en mayonaise een smeerseltje gemaakt voor op een toastje. Kleine klusjes aan de keukentafel met veel voldoening.

Ongezellig maar wel lekker

Toen we gisteravond om kwart over negen aankwamen was het al donker op de berg. We konden wel zien dat het hier weinig heeft geregend en het besproeiingssysteem niet echt naar behoren heeft gewerkt. Volgende week komt er iemand van het tuincentrum die hier de boel ooit heeft aangelegd, het systeem nakijken en resetten. Na het tuincentrum reden we in één moeite door naar een koffiebarretje voor ons ontbijt. Heel efficiënt want tegenover de Eurospin, de supermarkt waar we voor een paar dagen insloegen. Nee, echt gezellig zit je er niet. Kijk maar, iedereen parkeert tot vlak voor de deur. Maar heerlijk én heel Italiaans. Zo pakken we de draad weer op en hebben weer vastgesteld dat we ons niet gaan vervelen de komende twee weken.

Kalenderspreuk

Meriggiare. We moeten dit voor ons nieuwe woord nog even in de kop stampen want het is erg toepasselijk in dit jaargetijde. De wijnboer kiest altijd voor de bank in het koele huis en kondigt mij dan aan even een ‘knorretje’ te gaan doen. Ik schrijf meestal mijn blog en ga vervolgens weer naar buiten. Ik val liever niet in slaap want dan slaap ik ’s nachts slecht. Het beste is om een puzzel te maken of een boek te lezen. Al willen in dat laatste geval mijn ogen nog wel eens dichtvallen. Nu we om zeven uur of eerder ’s morgens beginnen met tuinwerk en de temperatuur boven de dertig graden is, is meriggiare in elk geval onontbeerlijk.

Meriggiare: Rusten in de schaduw om te ontsnappen aan de hitte van de middagzon.

Stekelvarken

Om te laten zien hoe groot ze zijn, heb ik de tafel een beetje gedekt. We vonden deze stekels op ons grasveld. We troffen ook een aantal diepe kuilen aan maar of die bij het stekelvarken horen, weten we niet. Jaren geleden kwamen we in het donker op de berg zo’n dier tegen en hij had de grootte van een middenmaatje hond. Het stekelvarken leeft voornamelijk van knollen, wortelen en vruchten maar ons aardbeienveldje heeft ie tot nu toe ongemoeid gelaten. Hij heet hier porcospino en je hoeft geen Italiaans te spreken om deze naam te snappen, toch? Ik heb het dier even opgezocht op internet, want afgezien van twee van zijn stekels, hebben we nog geen kennis mogen maken. Ik geloof ook niet dat ik nou zo graag oog in oog met hem wil staan op ons eigen terrein. Dan kom ik liever de wijnboer tegen, die als bloemenkind het erf opstapt.

Porcupine at water {Hystrix africaeaustralis} Damaraland, Namibia

(foto op verzoek van blogvriendin J)

Adembenemend

Op onze scheurkalender stond het Italiaanse woord ‘mozzafiato’. Dat betekent adembenemend mooi. Een nieuw woord voor mij, dus spreek ik het een paar maal zo Italiaans mogelijk hardop uit in de hoop dat het beklijft. Als even later de ondergaande zon dwars door de kamer schijnt, grijp ik de camera die binnen handbereik ligt en denk ‘mooi’. Niet adembenemend maar wél mooi.

Op een ander kalenderblad las ik over de traditie om in de Noord Italiaanse stad Ivrea elkaar tijdens carnaval met sinaasappels te bekogelen, er gaat dan wel 250.000 kilo doorheen. En dan denk ik ‘zijn ze nou helemaal gek geworden’ want met eten hoor je niet te gooien en al helemaal niet te verspillen. Weer pakte ik de camera en laat zien hoe de sinaasappels bij ons liggen te wachten op consumptie. Hier geen ‘rifiuto’ een woord dat ik wel ken als organisch afval maar dat ook verspilling blijkt te betekenen.

Leuke heks

foto Wikipedia

La Befana is een figuur uit de Italiaanse folklore. In de nacht van 5 op 6 januari brengt ze snoepgoed naar de kinderen, als die tenminste lief zijn geweest. Wie stout is krijgt van haar as en kolen. Kinderen hangen hun sokken aan de schoorsteenmantel en zetten voor deze lieve oude vrouw een bord met een mandarijntje, een sinaasappel en een glas wijn klaar. De volgende ochtend is het maal door haar verorberd en staat haar handafdruk in as op het bord. De cadeautjes wachten in de sok, en altijd ligt er ook een beetje kolen of as onder in de sok, want geen enkel kind is het hele jaar door braaf geweest. Het bijbehorende versje vertelt dat ze ’s nachts komt, getooid met een Romeinse hoed en met kapotte schoenen aan haar voeten:

La Befana vien di notte
con le scarpe tutte rotte
col cappello alla romana
viva viva La Befana!

Foto wikipedia

Dit folkloristische verhaal is vermengd met christelijke aspecten, de komst van de Drie Koningen in de stal van Bethlehem waar geschenken voor het kind werden aangeboden. Wij zien natuurlijk overeenkomsten met Sinterklaas en de Kerstman. Een bezemsteel, een paard of een rendier staan tot hun beschikking om door de lucht of over het dak te gaan. Had ik maar een bezemsteel, dan vloog ik even naar Italië.

foto Ciao Tutti

Het laatste plein

Bij het verlaten van Perugia zijn we nog even op dit plein gaan zitten. De wijnboer met zijn onafscheidelijke ijsje en ik met mijn camera. Links is het provinciehuis dat in de jaren na de oprichting in 1860, is gebouwd. Umbria is opgedeeld in zes districten en telt 176 gemeenten. Gubbio, de stad waar wij wonen, valt onder het district Perugia.

Vlak voor we de stad via de roltrappen naar beneden weer uitgaan, zijn er nog een paar fraaie doorkijkjes te zien. Zo Italiaans als het maar kan, als je het mij vraagt.