De rode wijn

De wijnboer…
…en zijn plukhulpje

De wijnboer heeft veel te weinig onderhoud kunnen plegen dit jaar. Toen we nog in NL waren, hadden we de wijnoogst eigenlijk al opgegeven. Dus alles wat we vandaag plukten, is mooi meegenomen. Omdat rode wijn maken een behoorlijk intensieve klus is, heeft de wijnboer in al zijn wijsheid besloten dit jaar alleen de witte wijn zelf te maken. Dus reden we vanmorgen na de pluk opnieuw naar de coöperatie.

De auto staat op de weegschaal. Daarna storten we onze druiven in de grote ontsteelmachine en wordt de auto opnieuw gewogen. We leverden zeventig kilo in. De coöperatie maakt van álle aangeleverde druiven een gemiddelde wijn. De helft wordt door hen verkocht, de andere helft krijgen wij. In feite betalen we hen dus in natura. Een prima systeem dan hoeven we ook niet alles zelf op te drinken! Hierna hebben we nog één oogst te gaan, die van de olijven.

ontsteelmachine (diraspatore)

Luie zondagmiddag

Vanmorgen deden we nog wat kleine klusjes nadat we tot half acht uitgeslapen hadden. Dit is voor mij een wonderlijke constatering want ’s winters draai ik me om die tijd nog een keer om. Enfin, na de klusjes en het wekelijkse telefoontje naar mijn moeder, gingen we naar Gubbio om te lunchen. Een beetje klimmend lopen we de warme stad in, passeren hier en daar een mooie doorkijk en worden als oude bekenden begroet bij het restaurant van onze keuze. Na afloop trakteert de wijnboer zich op het onvermijdelijke ijsje en langzaam slenteren we weer door de zelfde straat terug naar de geparkeerde auto. De rest van de dag brengen we luierend door. Het is onze favoriete invulling van een zomerse zondag.

Grauwe aanslag

Ooit wel eens grijze varens gezien? We gaan eens kijken als we straks de berg afrijden, of de regen iets veranderd heeft aan de kleur. Gistermiddag viel hier van twee tot vijf uur een mooie milde regenbui en daar waren wij, boer en tuinier, erg blij mee. De foto’s die ik hier laat zien zijn van woensdag, De weg is zó stoffig dat de begroeiing er grijs en grauw van ziet. En onze auto ook! Gelukkig stralen er zonnebloemen op de achtergrond. De paarse bloemetjes doen ook dapper mee om nog een beetje kleur aan te brengen in dit bijna desolate hoekje beneden aan de berg.

Geplette insecten

Met evenveel gemak zou ik hier een foto van een paar jaar geleden kunnen plaatsen. Bijna elk jaar maak ik wel dergelijke foto’s. Maar neem van mij aan dat ik deze gisteren maakte en dat ik gelukkig nog steeds kan vaststellen dat het hier een gefladder en gezoem van jewelste is. Dat is verheugend gezien alle verhalen over de afname van insecten. Onze autovoorruit -ja dit lijkt een vreemde overgang maar is het niet – zat kort geleden vol met geplette vliegjes en zo meer. Het viel ons echt op ten opzichte van voorgaande jaren. De vraag is of de natuur zich een beetje aan het herstellen is en of Corona, door onze verminderde mobiliteit, daar debet aan is.

Het OV

Daar zat ik dan vanmorgen. In de tram. Met een mondmasker én een beslagen bril. Door omstandigheden had Ik geen auto tot mijn beschikking en wilde wel naar mijn moeder in Leidschendam. Overal zie je aanwijzingen en stapstickers op de perrons. Tot drie haltes voor het eindpunt zat ik in mijn dooie eentje in de meterslange tram. Uiteindelijk kwamen er nog twee medepassagiers aan boord. Dus ja, mijn ritje met het OV is me enorm meegevallen.

Jammer genoeg is het eindpunt van de tram tijdelijk verplaatst vanwege de enorme verbouwing van het winkelcentrum. Via een afgezette route met hekken en pijlen kwam ik tenslotte bij mijn moeder. Ik had het gevoel alsof ik een puzzeltocht met hindernissen tot een goed einde had gebracht.

Na achttien jaar Delft…

…ontdekken we nog steeds nieuwe gebieden en verrassende plekken. Voorbij de TU-wijk richting Rotterdam ligt het Art Centre Delft. Het enige wat we daarvan tot nu toe zagen, is het beeld van een op zijn bumper omhoog gezette auto die we passeren als we over de A13 zoeven. Hoogste tijd dus voor een bezoek aan dit in 1999 opgerichte park. En onze monden vielen weer eens open.

Beeldhouwkunst van internationale makelij. Natuur in kunst verpakt. Bomen geplant in cirkels waaronder een groep vrouwen yoga deed. Een galerie, overal stevige banken, waterpartijen en een eenvoudig restaurant. Daar belandden we uiteindelijk voor een kop koffie. Nu we uitgevonden hebben hoe we er moeten komen, gaan we dit gebied in onze fietsroute opnemen want hier willen we vaker zijn.

Terug naar de vijftiger jaren

Overal zie je mensen op bankjes zitten. Dat zal zeker komen omdat restaurants en terrassen nog gesloten zijn. Het geeft de stad iets gemoedelijks, iets dorps ook. Ik moet bekennen dat ik van de rust ben gaan houden. Het jachtige is uit het leven, mensen groeten elkaar weer. Begrijp me niet verkeerd, Corona is een regelrechte ramp. Maar aandacht voor elkaar, blij zijn met eenvoudige dingen en het bewustzijn dat we met z’n allen de wereld aan het uitputten zijn, is de positieve keerzijde. Zoals ik me met nostalgie de autovrije zondagen nog herinner met rolschaatsende kinderen op de rijweg, zo zal ik op deze periode terug kijken met het gevoel even terug te zijn geweest in de jaren van mijn jeugd.

Nog meer weggeefbomen

Ach mevrouw, neem er nou een mee, dat is toch leuk?’ hoorde ik de enthousiaste caissière tegen de klant vóór me zeggen. Ik was bij de Jumbo in Leidschendam en bij besteding van een bepaald bedrag kreeg je een gratis kerstboom. De aangesproken klant zag het niet zitten want ze was lopend uit Nootdorp gekomen. Of ik hem wilde hebben, werd mij gevraagd. Nou nee, want ik heb al een (te grote) boom en mijn moeder, voor wie ik de boodschappen deed, doe ik er geen plezier mee.

‘Zo, u ziet er blij uit’, zei ik tegen twee dames die net buiten de winkel een kerstboom onder hun gezamenlijke armen droegen. ‘Hij is gratis en ik ben er zó blij mee. Ik zet dit jaar geen boom neer, want mijn kunstboom ziet er niet meer uit. Maar deze ga ik nu toch mooi versieren’ was het antwoord. Even later zag ik ze samen, nog steeds even opgetogen, de boom in de auto wringen. Ik werd er ook heel blij van en lachend zwaaiden we elkaar nog even na.

Fietsen stallen en ijs eten

Fietsen bepalen het beeld in Delft. Veel inwoners storen zich aan de vastgeklonken rijwielen op plaatsen die er eigenlijk niet voor bedoeld zijn. En inderdaad is het soms een storend gezicht, al zie ik duizend keer liever gestalde fietsen dan geparkeerde auto’s.

Luisterend naar de klachten, heeft de gemeente dit seizoen extra fietsnietjes geplaatst en met een paar platte schuiten in de gracht werden nog meer stallingsplaatsen gecreëerd. Ik heb er nog nooit één fiets in zien staan.

De foto is misschien niet erg duidelijk, het grijze vlak in de gracht is de boot met fietsenrek. Duidelijker is onze beloning na een kleine warme stadsronde.

Zijn ze nou helemaal gek geworden

Onlangs parkeerde ik bij een winkelcentrum in Voorburg voor een snelle boodschap. Het is er gratis parkeren en het was niet druk dus ik had een plek voor het uitkiezen. Toen ik na een kwartiertje terugkwam, zat er een bon onder de ruitenwisser. Het bleek dat ik vergeten was mijn parkeerschijf achter de voorruit te leggen. Stom. Geen moment aan gedacht. En wat denken jullie dat de schade was? € 104! Daar ben ik dus goed ziek van. Wat een bizar hoog bedrag. Te hard rijden, op de stoep parkeren, anderen belemmeren en in gevaar brengen; daar hoor je voor bekeurd te worden. Hier had ik de helft van het bedrag redelijk gevonden. Ik kan mezelf wel voor mijn kop slaan maar dat helpt niet. Deze fout zal ik niet gauw meer maken. Snel betaald dus maar. En ook weer snel vergeten. Misschien lukt dat beter nu ik het van me afgeschreven heb.