Niet veel wijzer

Met dit lenteweer zijn er veel mensen buiten. Het leek me een goed moment om nog eens uit te zoeken wie de man op de muurschildering is, waar een tijd geleden verse bloemen bij lagen. Ik sprak een leuke jonge man aan. Hij woont hier nog niet zo lang, was vanwege de liefde vanuit Friesland naar Delft gekomen. Ook hij had er in januari met verwondering naar geleken en navraag gedaan in de buurt. Een naam wist hij niet maar het bleek een buurtbewoner die veel voor de wijk had gedaan en op wiens sterfdag bloemen worden neergelegd. Veel wijzer werd ik dus niet maar we hadden een aardig gesprek en hij heeft het erg naar zijn zin hier in Delft, voegde hij toe. En dat hebben we gemeen. Want een korte buurtwandeling langs de rand van het centrum levert me dit soort plaatjes op. Ik kan me nauwelijks een fijnere woonomgeving voorstellen. Domweg gelukkig in Delft dus.

Leesparadijs in de open lucht

Elke minibieb die ik tegenkom, gaat op de foto. Ik heb er een zwak voor. En ik ben de enige niet. Ewoud Sanders, die zich buitenbieb-archeoloog noemt, schreef er pas een aardig artikel over in de NRC. ‘Toon mij uw buitenbibliotheek en ik zeg u wie er in een bepaalde buurt wonen.’ Het eerste kastje hangt in Delft, de tweede in Voorschoten. In het Delftse kastje stond niets van mijn gading. Maar over het Voorschotense minibiebje moet ik het echt even hebben.

We waren naar de markt geweest, ik stond met twee warme kipkluifjes in mijn hand die we van de poelier hadden gekregen en ik wilde toch een foto maken. Dus pakte ik haastig mijn mobieltje, maakte snel de kiek en verdween in de auto om te kluiven. Pas thuis zag ik er een boek in liggen dat op mijn wensenlijstje staat. Daar heb ik natuurlijk een beetje de pest over in want voorlopig kom ik niet weer in Voorschoten. Nee, als bieb-archeoloog heb ik nog een lange weg te gaan.

Ik stem wel volledig in met Ewouds laatste zin: ‘Het zijn vaak leesparadijsjes en hoe dan ook sympathieke bewijzen van opruimwoede, goedgeefsheid en letterlievend altruïsme.’

Wat er allemaal kán

Je kunt als je aan een grachtje woont, gewoon de voordeur uitstappen, schaatsen onderbinden en het ijs op gaan. Of zonder schaatsen tóch het ijs op stappen. Voor het gevoel.

Je kan natuurlijk ook op een bankje gaan zitten en merken hoeveel kracht de februarizon al heeft.

Met een stel studenten je eigen curlingwedstrijd houden, kan ook.

Of je tweejarig zoontje op de ouderwetse manier schaatsles geven.

Of met je camera in de aanslag een rondje maken door het centrum van Delft. Iedereen genoot van deze winterse oppepper. Ergens hoorde ik een huilend kind brullen ‘ik wil helemaal niet naar huis’.

Je broek op houden

Bij het allerleukste winkeltje in Delft stond vorige week deze bak met knopen buiten. Ik laat nog even een foto van het internet zien van deze winkel in zomerse omstandigheden. Dat jullie een idee hebben van het soort winkel.

Aan de bak met knopen was een noodkreet bevestigd. Kunnen jullie het lezen? Hoewel ik niet in nood ben, nam ik toch een blauwe knoop mee. Past goed bij me, ha, ha. En ook bij een vest dat geen sluiting heeft en altijd vervelend open valt. Onder die knoop zette ik een drukker. Het vest zal me nu voor altijd doen denken aan alle noodlijdende ondernemers in deze periode. Er komt een tijd dat ik hier weer leuke cadeautjes kan kopen. Nu maak ik graag reclame voor de originele manier om allemaal onze broek dan wel vest op te kunnen houden.

Ken uw stad

Na het lezen van het blog van Marthy zaterdag (klik) moest ik direct aan de slag. Zij ontdekte dat in Delft een hele wijk is voorzien van tegeltableaus en daar wist ik niets vanaf. Schande. Dus gebruikte ik de koude maar zonnige zondagochtend om eens met camera de wijk de Wippolder in te gaan. Op het eerste plateau, bovenste foto, wordt het hoe en het wat uit de doeken gedaan. Maar liefst 32 tegelwanden zijn in het jaar 2000 in deze buurt gezamenlijk vervaardigd en geplaatst. Die kan ik onmogelijk in één blog verwerken. Zie dit maar als een opwarmertje. In de maand februari probeer ik altijd kleurrijke foto’s te plaatsen dus ik kom er zeker nog een keer op terug want er valt ook nog genoeg over te vertellen.

Verrassing met vragen

Het is een tamelijk onopvallende steeg waar we gisteren toevallig terecht kwamen. Met een vriendin deden we na de koffie en vóór de lunch een korte stadswandeling door een rustig deel van het centrum. Vanaf de Kantoorgracht maakten we een doorsteek naar de Nieuwe Plantage en kwamen in de Vernieuwde Boogerd terecht. Meteen mijn mobieltje in stelling gebracht. Wat een verrassing hier. Veel meer informatie dan op de eerste foto vermeld, kon ik niet achterhalen behalve dat deze schilderingen in 2013 zijn aangebracht. Deze reeks ontbreekt in elk foto-overzicht van muurschilderingen in Delft.

Bijzonder opvallend is dit deel van de muur; een monument met verse bloemen. Ik vermoed dat het hier een geliefd buurtbewoner betreft. Helaas was het er zo stil dat ik het ook bij niemand na kon vragen. Maar ik ga er nog eens achteraan, nu internet mij geen soelaas biedt. De onderste twee schilderingen, die onderdeel uitmaken van deze reeks, zijn weer van een ander genre. Een stukje Delft dat vragen oproept. Ik ga beslist op onderzoek uit.

Jij bent goud

Toen de wijnboer zeventig werd, kreeg hij van mij een gouden klinker. De Jozefsteeg die naast de Maria van Jesse kerk in Delft ligt, heeft een nieuw klinkerpad gekregen. Alle stenen zijn voorzien van vier letters, door de schenker bepaald. In het geval van de wijnboer zijn dat zijn initialen AFCH. Na het ingraveren van de letters kwam er een prachtige goudlaag overheen en is de klinker de oven in gegaan. Met dit geschenk laat je zien hoe bijzonder iemand voor je is. Op mijn verjaardag kreeg ik er ook één. Nu liggen we voor ‘eeuwig’ in een steegje. Een officiële feestelijke onthulling kon dit jaar niet plaatsvinden. Maar we gingen samen op missie om te zien hoe we voortaan onder de voet gelopen worden.

Boslaantje

Nu de straat weer opgeruimd is, kunnen we ook weer onbekommerd en rechtstreeks het boslaantje bewandelen. Geen kruipdoor sluipdoor langs hekken en obstakels. Er zijn wat zieke iepen weggehaald maar dat valt nauwelijks op. Ik ben benieuwd wanneer de nieuwe bomen geplant worden, want dát die er komen staat vast, er bestaat zoiets als een herplantplicht.

En mensen, het is dus helemaal geen bos hè. Ik noem het maar zo omdat het die illusie wekt. Maar ik verval in herhaling, vaste lezers krijgen die uitleg keer op keer. Daar ga ik mee ophouden. Toen gistermiddag ook nog de zon om de hoek piepte, maakten we snel een wandelingetje naar de brievenbus. De kerstkaarten zijn verstuurd.

Historisch wandelen

De toren die we aan het eind zien, is die van de Oude of Pelgrimvaderskerk. De deur stond open, een beetje argeloos liepen we naar binnen. Men stond op het punt een dienst te beginnen, dus slopen we er weer snel uit. Het is dit jaar vierhonderd jaar geleden dat hier vandaan pelgrimvaders vertrokken naar Amerika. De haven werd al in de twaalfde eeuw gegraven en hoorde aanvankelijk bij Delft. Tot 1795 was Delfshaven zelfstandig en werd in 1886 geannexeerd door Rotterdam.

Stadsbrouwerij De Pelgrim kon ook op belangstelling van mijn fotomodel rekenen. Waar we ook met ontzag naar keken was het geboortehuis van Piet Hein. Met terugwerkende kracht is hij van zijn voetstuk aan het vallen want hij was meer een rover dan een held. Overigens staat zijn standbeeld een eind verderop nog levensgroot op zijn sokkel. Ach ja, de geschiedenis wordt vaak herschreven, elke tijd biedt zijn eigen blik op het verleden. Het geboortehuis was fraai gerestaureerd en op het wapenschild zien we Piet Hein afgebeeld door een vogel (piet) en een hein (brug).