Let op de hond en zijn baas

Nu het clubhuis van de roeivereniging niet bezocht mag worden, staan op zondagochtend ouders van jonge roeiers langs het kanaal te kijken en te babbelen. Of ze oog hebben voor de prachtige bloesem van de Japanse Kers kan ik niet beoordelen. Ik geniet er nu dagelijks van. Mij viel ook de houding van de hond op. Zou de baas het ook zien? Ik hoefde me geen zorgen te maken, er werd actie genomen. Op zonnige dagen zitten en liggen hier mensen in het gras, vooral zij zullen een poeploos veldje erg waarderen. Ik maakte ook nog maar een foto van de uitbottende zomerlinde vlak voor ons huis. Nog éven en ons zicht naar de Vermeerstraat is volledig verdwenen. Altijd wat te beleven hier.

Elsenburgerbos

Het is eigenlijk wel bijzonder om te zien hoe wij in Nederland natuur creëren. Tussen de snelweg A4, de Plaspoelpolder een groot bedrijventerrein, en het Rijn Schiekanaal is dit stadspark aangeplant op het puin van de in de zeventiger jaren gerenoveerde Stationswijk in Den Haag.

Het park heeft steile paden, uitgebreide grasvelden, glooiende heuvels en twee grote vijvers. Ooit was hier de buitenplaats Elsenburg maar deze is in 1827 afgebroken. Dat er hier, tussen alle bebouwing een bos gepropt is, merk je niet als je er wandelt. Nou ja, een licht gebrom van de snelweg is hoorbaar maar verder was het er reuze rustig. Het was onze zoveelste leuke ontdekking dicht bij huis. Een volgende keer gaan we op de fiets en nemen we een picknickmand mee, daar vind ik het nou echt een geschikte plek voor.

Verpozen aan de waterkant

Verraad ik mijn leeftijd als ik het woord ‘verpozen’ in de titel zet? Uitrusten, uitblazen, ontspannen, pauzeren, dat zijn zo’n beetje de synoniemen. Het was het eerste woord dat mij me opkwam toen ik deze drie foto’s bij elkaar zette. Toch zal ik nooit tegen de wijnboer zeggen ‘kom we gaan ons vanmiddag eens fijn verpozen’. Dit clubje dames had het in elk geval erg gezellig. Ik denk dat ze van de roeivereniging zijn en hun eigen openlucht clubhuis voor een uurtje hebben gemaakt.

De man, leunend tegen de boom, was na het hardlopen even aan het ontspannen en stond aanvankelijk met zijn gezicht naar de zon geheven. Tot de roeiers voorbijtrokken, die zich aan het inspannen zijn en pas na afloop kunnen verpozen. En dan was er nog deze jonge vrouw die heel charmant aan de waterkant een boek las. Ik zou vanuit haar positie niet erg elegant overeind kunnen komen. Dus ja, ik verraad met dit blog toch wel behoorlijk dat ik niet meer tot de jongsten behoor.

Gekraak, geknerp en geplof

Het gaf behoorlijk wat herrie toen er gistermiddag een ijsbreker door het kanaal voer. Een ijsbreker! Een auto van Rijkswaterstaat vergezelde het schip op de kant.

Vanmorgen maakten we een heuse sneeuwwandeling door het Abwoudse bos. Af en toe zakte ik tot mijn enkels in het witte tapijt. Ik had een Nordic Walking Pole meegenomen, dus dat liep met wat extra houvast. De foto maakte ik vlakbij ons huis toen de zon zo mooi op mijn geliefde treurwilg scheen.

Het geplop werd veroorzaakt door deze twee chocolade bommen. Gisteren bracht onze attente dochter deze twee versnaperingen. Na de wandeling vanmorgen overgoten we ze met stomend warme melk en daar plopten zomaar ineens ook mini marshmallows omhoog. Heerlijk.

Voor wie nog wil weten hoe de Thaise maaltijd gisteren was: voortreffelijk maar véél te veel. Bovendien een enorme berg aan plastic aanleverbakjes. Dus dat doen we een volgende keer anders, dan gaan er gewoon bakjes van ons zelf mee waar we het eten in laten doen. Dat er een volgende keer komt, is zeker al kan dat nog even duren. Voorlopig staat er nog een maaltje in de vriezer.

De man en de meerkoeten

Hij stond daar maar in de regen. Net als de meerkoeten verplaatste hij zich telkens met kleine pasjes. Toen ik het raam opende om deze foto’s te maken, hoorde ik hem ook praten. Soms ondersteunde hij zijn ‘gesprek’ met weidse armgebaren, waarbij telkens wat inhoud uit het blikje dat ie in zijn hand had, in het rond vloog. De meerkoeten trokken zich daar niets van aan en scharrelden gewoon verder. Ik sloot mijn raam weer.

De boom en mijn ontmoeting

Samen met de treurwilg hoort de Gingko Biloba tot mijn lievelingsbomen aan het kanaal. Het werd, vond ik, de hoogste tijd om weer eens te kijken hoe die van oorsprong Japanse boom er in de herfst bij staat. Nou, hij knalt ons aardig tegemoet met zijn gele bladeren. De treurwilg staat ook nog behoorlijk in blad, we zien een sliertje links op de foto. Mijn aandacht werd getrokken door een mevrouw in kleermakerszit aan de overkant. Achter haar stond een wandelaar met hond, maar ze liet zich niet afleiden. Mogelijk zat ze te mediteren. Of ze houdt niet van honden. Of ze had geen zin in een praatje. Vul zelf maar in.

Eenmaal aangekomen bij de Gingko moet ik vaak weer denken aan de destijds tachtig jarige vrouw die zeven jaar geleden juist wél graag een praatje maakte. Onder deze zelfde boom vertelde zij me haar levensverhaal (klik). Ik ben haar nooit meer tegen gekomen maar het verhaal vergeet ik niet meer.

Knisperend wandelen

Vóór de gemeentelijke bladblaasbrigade langskomt, wil ik wel even door de herfstbladeren gebanjerd hebben. En aangezien ik pas morgen weer in de echte natuur ben, loop ik vandaag om te beginnen maar eens naar de overkant van het kanaal waar ik dagelijks kinderen enkeldiep door de bladeren zie struinen om deze al schoppend omhoog te laten dwarrelen.

De meewandelende wijnboer zag er trouwens vooral compost in en gelijk heeft ie. Het gaat hard nu met het vallend blad. Twee dagen je auto niet gebruiken en je moet hem bijna uitgraven. Bij wijze van spreken, hè? Ik ben vast niet de enige volwassene die, de uitdrukking van Kees van Kooten indachtig, door de bladeren lopen beschouwt als ‘kicks voor niks’.

Wijze reiger

Het viel ons op dat de vaste reigers die bij ons voor de deur de kade bewonen van het Rijn- Schiekanaal, nergens meer te bekennen zijn. Zouden ze de drukte ontvlucht zijn toen hier gedurende de hittegolf een soort badplaats ontstond? Grote vraag is ook of ze nog terugkeren of zich voorgoed hebben laten verdrijven. Deze reiger kwamen we tegen in de heemtuin bij de Papaver. Dat is een veel natuurlijker omgeving dan de lantarenpalen en brugleuningen van waaraf ze in het water koekeloeren op zoek naar een visje. Of het onze buurreiger is kan ik met geen mogelijkheid zeggen maar ik hoop het voor hem of haar. Een beetje reiger wil zich toch graag in een rietoever vestigen?

De rust is weergekeerd…

…en mijn energie ook. Ik zeg altijd dat ik goed tegen de hitte kan maar vorige week op ons warme bovenhuis kwam ik tot niets. En van altijd wat te doen op het erf van Caldese naar de ramen tegenover elkaar open zetten zonder dat het helpt, bleek een forse overgang.

Deze twee meeuwen weten ook niet wat ze overkomt. Waar zijn al die mensen gebleven die wel eens wat achter lieten om lekker te snaaien? Die bevolken de terrassen, denk ik. Het was gisteren in het centrum weer druk. Te druk naar mijn zin. Laat mij maar weer kalm langs de waterkant lopen en genieten van het groen dat door wat flinke buien weer aardig aan het herstellen is.