Onmacht

Gistermiddag om kwart over vijf luidden de kerkklokken in NL. Dat is hier op ons Delftse bovenhuis heel goed te horen, de prachtige Bourdonklok van de Oude Kerk heeft een magistraal geluid en de wetenschap dat ie luidde om onze verbondenheid met de mensen in Oekraïne te tonen, maakte het ontroerend om naar te luisteren.

In navolging van blogvriendin Judy plaats ik vandaag wat foto’s in de kleuren geel-blauw, de Oekraïense vlag. Zomaar wat huiselijke taferelen die ik gisteren bij mijn moeder thuis op de foto zette en toevalligerwijs ook de kleuren van de kleding die de wijnboer vandaag aantrok.

De onmacht die we allemaal voelen is groot, want we kunnen niets doen aan de brute inval van het Russische leger. Ja, we maken geld over aan de UNHCR, brengen kleding en beddengoed naar het dichtstbij zijnde inzamelpunt en hopen zondagmiddag mee te doen met een kleine manifestatie op de Markt. Meer kunnen we niet doen, het voelt waardeloos.

Vanuit drie standpunten

Omdat het zo heeft geregend besloot ik vandaag niet al te drassig te polderwandelen en nam de asfaltweg langs de boerderijen in Delfgauw. Er is een behoorlijk erf bij deze boerderij uit 1905. De stallen en schuur zijn goed te zien als ik aangelopen kom. Een mooie siertuin met klein slootje aan de voorkant en een echt toegangshek maken het tot een kleine vesting. Wat zou ik daar graag eens binnenkijken. Dat laatste lukt blogvriendin Marthy vaak omdat zij de boerderijen in haar woonomgeving fotografeert voor een beeldbank. Maar goed, ik stel me tevreden met het vanaf de weg bewonderen van deze goed onderhouden boerderij. Geen ontbijt of koffie to go na afloop van de zondagochtendwandeling want de eigenaars van Du Midi hadden zich, met een vooruitziende blik, vrijaf gegeven in deze periode. Maar thuis smaakte de cappuccino ook voortreffelijk.

Maandag’s rommeldagje

In dit hoekje zijn we eens flink bezig geweest. Vanwege de droogte tijdens onze afwezigheid was de Phlomis aan het zieltogen aan de éne kant en aan het overwoekeren aan de ándere kant van het hek, waarachter de gastank ligt. We kortten alles drastisch in want verdord en deden wat transplantaties richting een ook al tot op de stam afgeknotte brem. En nu maar dagelijks vertroetelen.

De vlinderstruik snoeiden we in juni. Dat is veel te laat in het seizoen maar volgens blogvriendin Marthy- die groene vingers heeft- kon het nog wel. Nu ziet ie er weer vol en gezond uit. Het is hier momenteel snikheet, gelukkig is de harde wind gaan liggen en zijn er geen bosbranden hier. Ik hou me vandaag vooral bezig met ‘linnenbeheer’. Kan ik mooi weer eens een foto plaatsen van een wasje dat ik afgelopen week ergens aan een balkon zag hangen.

Het bruidje

Als een kleine verstekeling reisde ze met ons mee. Een paar dagen geleden was ze in een stevige bruine enveloppe bij ons in de brievenbus gevallen. Blogvriendin Bertie vond het verhaal over kabouter David die eenzaam in zijn hoge nisje staat (klik) aanleiding genoeg om uit haar eigen verzameling Rien Poortvliet kabouters een levensgezel te selecteren. Ze heeft het wel netjes gevraagd aan het kleine kaboutervrouwtje en die had kennelijk wel zin in een avontuur. Bertie stuurde nog deze geestige kaart mee, die ze zelf maakte. Dus komt het bruidje, die ik nu Bertie heb gedoopt, vlak naast David te staan. Wie weet heb ik dan volgend jaar verheugend nieuws want ik geloof wel in sprookjes.

Mooie plukjes en heerlijke bijbabbel

Wij, inwoners van de Randstad, moeten het vaak doen met kleine groene oases. Neem nou die eerste foto. Daar straalt toch rust van uit, hè? Maar voor de tweede foto hoefde ik nauwelijks van positie te veranderen. We zien de zijkant van Burger King die aan de snelweg ligt. Draaien we ons helemaal om en lopen we het Land Art park weer terug in, dan zien we dit. Het zijn dan misschien heel kléine plukjes groen, het zijn wel heel mooie plukjes.

De foto’s maakte ik twee dagen geleden toen de zon nog scheen. Een groot deel van vandaag tikte de regen op ons zolderraam. Niet dat ik daar veel erg in had want blogvriendin Marthy kwam gezellig langs. De uurtjes vlogen voorbij en we wisselden nieuwtjes uit die onze blogs niet halen. We onderhouden een bijzondere vriendschap en ervaren dat nog steeds als heel waardevol. En laat nou de zon maar weer schijnen.

Moestuinmaandag

In navolging van Marthy (klik) laat ik vandaag ook een moestuin zien. Niet de onze, nee die ligt nog letterlijk en figuurlijk te ver weg. De laatste keer dat ik er over schreef was oktober vorig jaar. Dit is de tuin van de man uit de Delftse Hout. Vakkenvol met vioolltjes en narcissen zorgen voor de vrolijke noot. Er staat een geldpot en op goed vertrouwen kun je er kruiden en aardbeiplantjes kopen. Er lag ook een komkommer, courgette en aubergine op het aanbiedingstafeltje. Die moeten op zijn minst uit een kas komen.

Ach, ik kijk ernaar maar koop niets. We hebben al verse groenten voor een paar dagen in huis. Ik sta gewoon een beetje te dromen over ons eigen moestuintje. Nu we onze vaccinatie-afspraken hebben, wordt terugkeer naar ons Italiaanse huis weer wat realistischer. Misschien kunnen we eind mei weer eens ouderwets met de handen in de aarde wroeten.

Achter gesloten ramen

Ons wandelingetje naar het Prinsenkwartier begon met een verwachte onverwachte ontmoeting. Dat zit zo. Twee straten bij ons vandaan woont Hermieneke. Zij reageert nogal eens op mijn blog en ik ook op het hare. Maar we hadden elkaar nog nooit ontmoet. Vanmiddag botsten we bijna tegen elkaar op bij ons voor de deur. Dat dit een keer zou gebeuren was volstrekt logisch maar wel onverwacht. Je kent elkaar niet en tóch weer wel. Heel leuk zo’n ontmoeting.

We waren op weg naar de tentoonstelling Behind Closed Windows. Dat viel eerlijk gezegd een beetje tegen. Virtueel is dit project van de TU Delft interessanter (klik) om te volgen, dan stap je achter elk raam een speciale expositie in met nogal wetenschappelijke onderwerpen. Dat laatste is ook logisch maar minder aan mij besteed. Enfin, we hadden een doel, een leuke ontmoeting, ik had blogstof en we zagen het laatste sneeuwhoopje op een verder vrijwel verlaten Prinsenhof.

Ken uw stad

Na het lezen van het blog van Marthy zaterdag (klik) moest ik direct aan de slag. Zij ontdekte dat in Delft een hele wijk is voorzien van tegeltableaus en daar wist ik niets vanaf. Schande. Dus gebruikte ik de koude maar zonnige zondagochtend om eens met camera de wijk de Wippolder in te gaan. Op het eerste plateau, bovenste foto, wordt het hoe en het wat uit de doeken gedaan. Maar liefst 32 tegelwanden zijn in het jaar 2000 in deze buurt gezamenlijk vervaardigd en geplaatst. Die kan ik onmogelijk in één blog verwerken. Zie dit maar als een opwarmertje. In de maand februari probeer ik altijd kleurrijke foto’s te plaatsen dus ik kom er zeker nog een keer op terug want er valt ook nog genoeg over te vertellen.

Een kleine greep uit een stapel post

De kerstpost lees ik nogmaals door. Veel kaarten bewaar ik of knip in twee voor hergebruik door de kleinkinderen. Zij maken er versieringen van of geven klasgenootjes aan het eind van 2021 een kaartje. De bovenste kaart gaat natuurlijk niet weg, blogvriendin Bertie wist mij hier blij mee te maken. Het omhelzende echtpaar verdient navolging. Wij lijken er fysiek niet op maar die gelukzalige uitdrukking spreekt me wel aan en past ook bij het stel vrienden die deze kaart stuurde. Helaas zijn omhelzingen momenteel niet voor iedereen weggelegd.

Op een andere kaart die we ontvingen, was naast de persoonlijke boodschap nog dit geschreven: ‘Wij mensen hebben de morele plicht om optimistisch te zijn’. Deze zin komt van Karl Propper, een vooraanstaand filosoof uit de twintigste eeuw. Laten we deze boodschap ter harte nemen.

Boeken en lijstjes en jeugdsentiment

Blogvriendin Bertie schreef deze week een blog over het radioprogramma de Taalstraat met daaraan gekoppeld de Nederlandse Boeken top honderd (klik). Nou dan heb je mij hoor. Ik hang zelf van lijstjes aan elkaar en dus ik ging meteen kijken welke boeken ik ook heb gelezen en dat waren er heel wat. Bertie herlas Beekman en Beekman en ik herlas toevallig afgelopen zomer Mijn kinderen eten turf, beide boeken zijn geschreven door Toon Kortooms. Wat haar wel gebeurde en mij niet, dat ze nog steeds met veel plezier kon lachen over avonturen van die twee broers. Het boek ontkwam aan haar opruimronde. Mijn boek, dat ooit stuk gelezen is – kijk maar hoe het er uit zag – is na lezing bij het oud papier terecht gekomen. Niet alleen om dat het er niet meer uitzag, maar ik vond het zó ouderwets, belerend en stichtelijk dat ik me niet kon voorstellen er nog iemand blij mee te maken. Ik maakte er wel een foto van onder het motto misschien komt die nog eens van pas. Zoals het altijd gaat, ben ik nu toch benieuwd naar Beekman en Beekman. Ik wil ook wel eens schaterlachend lezen. Er is vast nog wel aan te komen, ik ga maar eens kringlopen.