De lelijkheid

Om niet al te zoetsappig over Italië te schrijven kan ik natuurlijk ook wat lelijke dingen laten zien. Passen die antennes dan wel op de daken in een middeleeuwse omgeving? Tuurlijk, er moet geleefd worden. En alle kabels buiten langs de huizen is hier heel gewoon, maar fraai is het niet. Op mijn blog over Mooi Montone (klik) kreeg ik van Willem een uitvoerige reactie. Ik citeer: ‘Heb bij dergelijke plaatsen altijd een dubbel gevoel. Hoe mooi het ook zijn mag, maar de mensen die erin wonen worden wel op veel manieren beperkt in hun doen en laten. Allemaal ten bate van een of ander ‘hoger’ doel. In dit geval toerisme’.

Willem heeft hier een punt. En dus was ik bijna verheugd dat ook Montone zijn rommelhoeken kent en er blijkbaar geen monumentenpolitie is die overjarige kerstbomen en uit elkaar vallende stoelen of banken verbiedt of verbaliseert. Er moet ruimte zijn voor lelijkheid want des te beter valt de schoonheid op.

Mooi Montone

Het is zo’n plaatsje dat wordt geclassificeerd als één van de tweehonderdvijftig ‘Borghi più belli d’Italia‘. Je laat de auto buiten de stadsmuren staan om via de poort en een trap het ‘çentro storico‘ binnen te wandelen. Het was al zeker tien jaar geleden dat we er voor het laatst waren en opnieuw ervoeren we dit als een openlucht museum.

Het is allemaal heel kleinschalig in het centrum met een postkantoortje, een apotheek, wat horeca en natuurlijk een ijssalon. Op het hoogst gelegen punt kijk je uit over een tijdloos landschap en vloeit alle jachtigheid, zo je die nog hebt, volkomen weg.

Weg van het erf

Omdat er aan het werk hier toch nooit een einde komt, gaan we af en toe een dag de hort op. Even wat anders doen dan hindergroen verwijderen, dode planten weghalen en onze ruggen belasten. Vandaag zijn we in Città di Castello geweest, een stad op veertig kilometer hier vandaan. Gemiddeld op de score van mooie steden maar wel met een charmant centraal plein waar we koffie dronken. Ik was niet de enige die een foto van dit plein nam.

Deze pelgrim of wandelaar was net aangekomen en had zich op de trappen van het bankgebouw laten ploffen. Hij nam de tijd voor het maken van een foto en stak vervolgens een sigaretje op. Dat vind ik dan weer niet erg des plegrims maar dat kan aan mij liggen.

Hier nog even een totaalplaatje van de Casse di Risparmio, oftewel de spaarbank. Ik heb niet kunnen achterhalen of dit gebouw meteen bestemd was voor de bank of als stadspaleis gebouwd is. Indrukwekkend is het in elk geval wel. We vervolgden onze weg naar Montone. Maar daarover een andere keer.