Het lelijks weglaten

Echt bijzonder is het stadje niet maar een Italiaanse sfeertje heeft Gualdo Tadino wél. Aan de gevel van het gemeentehuis hangen netjes in houders de officiële vlaggen van Italië, de Europese gemeenschap en de Provincievlag. Daaronder zijn aan de balustrade nog de vlaggen gehangen die sympathie en meeleven uitdrukken.

Dan is er ook een straat die bestaat uit traptreden en terrakleurige huizen. En dit allerschattigste groentewinkeltje maakt het beeld voor mij compleet. Hoewel het ook in een Frans of Spaans dorp niet zou misstaan.

We dronken even koffie in de hoofdstraat waar de auto’s zowat over je voeten rijden als je tegen de gevel op een miniterrasje zit. Want de Italiaan wil wel graag vlak voor de deur van het gemeentehuis kunnen parkeren en het kleine plein ervoor staat vol met auto’s. Die ik dan weer niet op de foto zet want ik deel voor de buitenwacht toch liever de idyllische beelden.

Leuker dan wieden

Voor het eerst sinds onze aankomst maandag, verlieten we onze berg voor een paar uur. De band van de kruiwagen moest worden opgepompt bij het benzinestation. Bij de meubelstoffeerder bestelden we stof waarmee ik de buitenbank opnieuw ga bekleden. Dat gaf nog aardig wat spraakverwarring maar komt goed. Wordt nog een heel project en daar ga ik het later nog wel eens over hebben. We kiepten vuilnis in containers aan de voet van de berg en kochten verse melk voor de cappuccini. Maar uiteindelijk was dat allemaal een opmaat naar het leuke tuincentrum in Gualdo Tadino.

Salvia, munt, een leuke bodembedekker (waarvan ik nu de naam al niet meer weet) en een paar geraniums. Daar heeft een mens toch zin in, hè. De boel een beetje opfleuren, onkruid wieden kan altijd nog.