Vakwerk in Colmar

Toen wij een week geleden een middag in Colmar doorbrachten, waren we weer verrast door de schoonheid van deze stad. Ooit zijn we er eerder geweest maar dat is dertig jaar geleden. Minstens.

Klein Venetië wordt deze elegante stad in de Elzas wel genoemd. Wij hebben de grachten overgeslagen en ons beperkt tot wat straten en stegen in het centrum en daar keken we ons ogen al uit op die schitterende goed onderhouden vakwerkhuizen in snoepjeskleuren.

Op een vensterbank van een iets minder onderhouden huis zat een man een ijsje te eten. Hij kwam me behoorlijk bekend voor. Het ijsje bleek softice te zijn uit een machine, vertelde de man me later. Niet echt lekker maar dat zei hij pas achteraf. De man met alpinopet liep langs een hoedenwinkel. Dat levert wel een echt Frans plaatje op al was het helemaal aardig geweest als hij een stokbrood onder zijn arm had gehad.

Reisje langs de Rijn

Vandaag zitten we in Duitsland, waar we overnacht hebben en er een héél korte vakantie vieren. Op tien minuten rijden hier vandaan is de Rijn en aan de oever daarvan dachten we koffie te gaan drinken. Maar mistige maandagochtend; er was nergens een Konditorei open. Wel een gesloten en overwoekerd huis in mooie herfstkleuren.

Ha, een wijngaard. Even stoppen dus. De wijnboer deed meteen ideeën op en kon zelfs proeven. Het wijngebied heet Zur Limburg.

We waren vlakbij Frankrijk, dat we via mooie landelijke weggetjes bereikten. Lunchen deden we in Colmar. Kom ik binnenkort op terug, wat een fotogenieke plaats is dat.

Vóor we terugreden naar ons hotel, kochten we bij deze dame in een kraam langs de weg nog walnoten en een pompoen. En de wijnboer kon het niet laten om nog twee liter gistende rode wijn te kopen.