Politie voor de deur

Vanaf het bankje voor ons huis ziet ons uitzicht er zo uit. En dit is het bankje met de wijnboer erop. Er zou een pakje worden afgeleverd tussen tien en één. En we wilden graag naar buiten. Dus.

Er voeren twee rubberboten, één van de politie en één van de havendienst Delft. Er zat bovendien een cameraman aan boord. Daar moest ik toch het mijne van hebben en ik sprak de havendienstmeneer even aan. Men is bezig met een voorlichtingscampagne over waar je wel en niet mag varen, zwemmen en boten aanmeren, vertelde hij. Samenwerking tussen de gemeente en de Provincie, vertelde hij erbij. Tweehonderd kilometer verderop heeft het water voor immense problemen gezorgd en is het leed niet te overzien. Hier is het een en al waterplezier. Het valt maar moeilijk te rijmen met elkaar.

Adembenemend

Op onze scheurkalender stond het Italiaanse woord ‘mozzafiato’. Dat betekent adembenemend mooi. Een nieuw woord voor mij, dus spreek ik het een paar maal zo Italiaans mogelijk hardop uit in de hoop dat het beklijft. Als even later de ondergaande zon dwars door de kamer schijnt, grijp ik de camera die binnen handbereik ligt en denk ‘mooi’. Niet adembenemend maar wél mooi.

Op een ander kalenderblad las ik over de traditie om in de Noord Italiaanse stad Ivrea elkaar tijdens carnaval met sinaasappels te bekogelen, er gaat dan wel 250.000 kilo doorheen. En dan denk ik ‘zijn ze nou helemaal gek geworden’ want met eten hoor je niet te gooien en al helemaal niet te verspillen. Weer pakte ik de camera en laat zien hoe de sinaasappels bij ons liggen te wachten op consumptie. Hier geen ‘rifiuto’ een woord dat ik wel ken als organisch afval maar dat ook verspilling blijkt te betekenen.

Wat er allemaal kán

Je kunt als je aan een grachtje woont, gewoon de voordeur uitstappen, schaatsen onderbinden en het ijs op gaan. Of zonder schaatsen tóch het ijs op stappen. Voor het gevoel.

Je kan natuurlijk ook op een bankje gaan zitten en merken hoeveel kracht de februarizon al heeft.

Met een stel studenten je eigen curlingwedstrijd houden, kan ook.

Of je tweejarig zoontje op de ouderwetse manier schaatsles geven.

Of met je camera in de aanslag een rondje maken door het centrum van Delft. Iedereen genoot van deze winterse oppepper. Ergens hoorde ik een huilend kind brullen ‘ik wil helemaal niet naar huis’.

Ken uw stad

Na het lezen van het blog van Marthy zaterdag (klik) moest ik direct aan de slag. Zij ontdekte dat in Delft een hele wijk is voorzien van tegeltableaus en daar wist ik niets vanaf. Schande. Dus gebruikte ik de koude maar zonnige zondagochtend om eens met camera de wijk de Wippolder in te gaan. Op het eerste plateau, bovenste foto, wordt het hoe en het wat uit de doeken gedaan. Maar liefst 32 tegelwanden zijn in het jaar 2000 in deze buurt gezamenlijk vervaardigd en geplaatst. Die kan ik onmogelijk in één blog verwerken. Zie dit maar als een opwarmertje. In de maand februari probeer ik altijd kleurrijke foto’s te plaatsen dus ik kom er zeker nog een keer op terug want er valt ook nog genoeg over te vertellen.

De winter van 21

Precies volgens de verwachting begon het gistermiddag rond twee uur te sneeuwen. Ik was er helemaal op voorbereid, camera binnen handbereik, laarzen instapklaar. Echt heel erg wit werd de wereld niet. Vanuit mijn stoel zag ik de roeiers nog flink uithalen. Maar kijk, dat jongetje heeft wel een reuze sneeuwbal in zijn handen. Laten we maar even naar de Doelentuin lopen, daar blijft de sneeuw wellicht wat beter liggen.

Mmmm…valt toch een beetje tegen. Niet veel meer dan wat poedersuiker op de bomen, niks geen geknerp van onze voetstappen en geen gedempte stilte.

De laatste foto maakte ik aan de achterkant van ons huis, kijkend in de binnentuin. Alleen op het grind in en de plantvakken blijft wat sneeuw liggen. Ik vrees dat de winter van 2021 hiermee al weer over is. Maar leuk was het wel.

Geen mening

Het was fris gisteren en op sommige slootjes lag al een dun laagje ijs. Hoewel ik geen camera had meegenomen, was de neiging dan maar met mijn mobiel te fotograferen, niet te bedwingen. We besloten een stuk over de smalle weg te lopen langs de boerderijen. Maar zo rond half twaalf op zondag ben je de enige niet. Veel wielrenners, andere wandelaars en auto’s. We moesten voortdurend de berm in en dat wandelt niet echt ontspannen.

Klein Delfgauw heet deze buurtschap en valt voor een deel binnen de Gemeente Delft en deels bij Pijnacker-Nootdorp. Kavels die tot nu toe weiland waren, worden sinds kort verkocht en er zullen moderne luxe villa’s verschijnen. Vooralsnog vind ik dat jammer van dit landelijke gebied. Maar lang niet alle boerderijen en oudere huizen zijn het aanzien waard, dus ik wacht nog even met een oordeel.

Lichtpuntjes

Geen zondagochtendwandeling vandaag. Na een heerlijk thuisontbijt reden we naar de Martinuskerk in Voorburg om daar, vanwege Allerzielen, een klein houten kruisje op te halen dat sinds mijn vader’s uitvaart in de kerk heeft gehangen. Aan de paaskaars mocht ik een kleine kaars aansteken die vandaag nog de hele dag in de kerk zal branden. Het houten kruisje is vanzelfsprekend voor mijn moeder.

Daarna reden we de Westlandroute om te eindigen bij zus en zwager. In hun duintuin hebben we met z’n vieren buiten van een heerlijke warme lunch genoten en weer eens bijgepraat. We zaten beschut onder een overkapping, er waren warmtelampen en buitenkaarsen. Ik maakte foto’s van de maaltijd maar die doen het gebodene geen eer aan en verder liet ik de camera in mijn tas. Neem maar van mij aan dat mijn zus voortreffelijk kan koken en mijn zwager voor de begeleidende drankjes en koffie zorgde. Zo kan een grauwe dag toch heel veel licht vangen.

Aan de thee op het terras

Het idee was om onderweg een soort fotoreportage te maken. In NL de prachtige zonsopkomst terwijl we oostwaarts reden. In Duitsland de bloeiende bermen en in Zwitserland een paar hoge bergen. Tot ik me ineens realiseerde dat ik de verbindingskabel tussen camera en laptop in Delft had laten liggen. Dat wordt lastig bloggen zo. Een paar snelle foto’s op mijn mobiel moeten het voor vandaag maar even zijn. Dan ga ik de komende dagen een oplossing zoeken. Mijn belangrijkste mededeling is dat we veilig in Caldese zijn aangekomen na een voorspoedige reis gisteren en vandaag. We zitten met een kop thee op het al aan geveegde terras ons enorm te verkneukelen over onze thuiskomst.

Het laatste plein

Bij het verlaten van Perugia zijn we nog even op dit plein gaan zitten. De wijnboer met zijn onafscheidelijke ijsje en ik met mijn camera. Links is het provinciehuis dat in de jaren na de oprichting in 1860, is gebouwd. Umbria is opgedeeld in zes districten en telt 176 gemeenten. Gubbio, de stad waar wij wonen, valt onder het district Perugia.

Vlak voor we de stad via de roltrappen naar beneden weer uitgaan, zijn er nog een paar fraaie doorkijkjes te zien. Zo Italiaans als het maar kan, als je het mij vraagt.

Het boshuis

Gistermiddag waren we uitgenodigd bij buren van ons die in de bossen bij Elspeet een buitenhuisje hebben. Wat een plek zeg. Om de biodiversiteit te bevorderen waren ze begonnen een grotere vijver uit te graven. Dat moet een paddenpoel worden en een salamanderparadijs.

Het is dat ik het een beetje onbeschaamd vind om bij zo’n eerste bezoek uitvoerig foto’s te lopen maken, maar ik had graag laten zien hoe gezellig we daar zaten. We kregen een heerlijke maaltijd voorgeschoteld en hadden goede gesprekken over heden en verleden. We kennen elkaar ongeveer vijftien jaar, dan is het extra leuk verhalen te delen over de tijden daarvoor. Dan berg je de camera weg en geniet je gewoon met z’n vieren van de raakvlakken die je opnieuw ontdekt. Zij zijn tijdens een rondreis door Europa twee keer bij ons in Italië langs geweest. Hier is dus sprake van goede buren én verre vrienden.