
Hoewel het centrum van Delft echt niet groot is, zijn er toch delen waar we niet of nauwelijks komen. Dus áls ik daar dan ben, dan sla ik direct aan het fotograferen. Zeker toen we nog even moesten wachten tot vanmorgen Museum Paul Tetar van Elven de deur om precies elf uur voor ons opende.

Wat een voordeel bieden de kale bomen trouwens. De gevels van de grachtenhuizen zijn nu perfect te zien. Ik zou overal wel binnen wel kijken, nieuwsgierig als ik ben naar interieurs.

Dit museum aan de Koornmarkt is overigens het woonhuis geweest van de naamgever en hoewel keuken en slaapkamers inmiddels zalen zijn geworden, is een groot deel van de inboedel van deze kunstenaar en verzamelaar prachtig bewaard gebleven. En alleen daaraan kan ik mijn hart ophalen. Maar we waren hier voor een bijzondere expositie. Kom ik in een later blog nog op terug.

Prachtig pand! Ben benieuwd!
Schitterend interieur, allen daar kun je al van genieten.
Ik denk te weten wat jij daar wilde zien
Dat wil ik namelijk ook!!!@
Mooi, daar binnen!
Lie(f)s.
Ik kijk ook graag bij mensen binnen… Vooral in oudere huizen.
Mooie panden!
Het is smullen in zo’n oud woonhuis!