Neem plaats

Het kan haast niet anders of kunstenaar Tijn Noordenbos heeft deze stoelen beschilderd en vastgeklonken aan de brug. Ik kan er niets over terugvinden maar het is echt zijn stijl. Ze staan op anderhalve meter afstand van elkaar en de boodschap ‘maak er wat van’ is op de leuning geschilderd. Zijn projecten zorgen op zijn minst voor een glimlach bij voorbijgangers. De uitgerekte schaaktafel die aan het begin van de coronaperiode op de Markt werd neergezet, kende helaas een voortijdig einde. Elke avond haalde Tijn de losse schaakstukken weg. De stadsreiniging heeft toen de tafel en stoelen als grof vuil gezien en afgevoerd. Daar zijn dus lessen uit getrokken gezien de manier waarop de nieuwe stoelen nu vast staan op de brug van de Oude Kerkstraat. We nemen zijn kreet ter harte en maken er wat van.

foto Delft in de Buurt

Leesparadijs in de open lucht

Elke minibieb die ik tegenkom, gaat op de foto. Ik heb er een zwak voor. En ik ben de enige niet. Ewoud Sanders, die zich buitenbieb-archeoloog noemt, schreef er pas een aardig artikel over in de NRC. ‘Toon mij uw buitenbibliotheek en ik zeg u wie er in een bepaalde buurt wonen.’ Het eerste kastje hangt in Delft, de tweede in Voorschoten. In het Delftse kastje stond niets van mijn gading. Maar over het Voorschotense minibiebje moet ik het echt even hebben.

We waren naar de markt geweest, ik stond met twee warme kipkluifjes in mijn hand die we van de poelier hadden gekregen en ik wilde toch een foto maken. Dus pakte ik haastig mijn mobieltje, maakte snel de kiek en verdween in de auto om te kluiven. Pas thuis zag ik er een boek in liggen dat op mijn wensenlijstje staat. Daar heb ik natuurlijk een beetje de pest over in want voorlopig kom ik niet weer in Voorschoten. Nee, als bieb-archeoloog heb ik nog een lange weg te gaan.

Ik stem wel volledig in met Ewouds laatste zin: ‘Het zijn vaak leesparadijsjes en hoe dan ook sympathieke bewijzen van opruimwoede, goedgeefsheid en letterlievend altruïsme.’

Achter gesloten ramen

Ons wandelingetje naar het Prinsenkwartier begon met een verwachte onverwachte ontmoeting. Dat zit zo. Twee straten bij ons vandaan woont Hermieneke. Zij reageert nogal eens op mijn blog en ik ook op het hare. Maar we hadden elkaar nog nooit ontmoet. Vanmiddag botsten we bijna tegen elkaar op bij ons voor de deur. Dat dit een keer zou gebeuren was volstrekt logisch maar wel onverwacht. Je kent elkaar niet en tóch weer wel. Heel leuk zo’n ontmoeting.

We waren op weg naar de tentoonstelling Behind Closed Windows. Dat viel eerlijk gezegd een beetje tegen. Virtueel is dit project van de TU Delft interessanter (klik) om te volgen, dan stap je achter elk raam een speciale expositie in met nogal wetenschappelijke onderwerpen. Dat laatste is ook logisch maar minder aan mij besteed. Enfin, we hadden een doel, een leuke ontmoeting, ik had blogstof en we zagen het laatste sneeuwhoopje op een verder vrijwel verlaten Prinsenhof.

Leef je uit

Dit is een tussendag wat het weer betreft. Ik noem het ook wel keukenkastenweer. Even een paar voorraadladen opruimen en herindelen, dat geeft deze dag toch nog zijn voldoening. Hoogste tijd voor wat kleurigs op deze verder grauwe mistroostige dag. Dit muurtje op een speelplaats in de Trompetstraat stond al een tijd in de wacht. Kijk hoe leuk die bloemen van handafdrukken zijn gemaakt.

Ook een lage muur is op kinderhoogte door kinderen beschilderd. En van de grote muur met lieveheersbeestjes wordt een mens helemaal vrolijk. Ik zeker, want in het hoekje van de foto leven onze twee blije kleindochters zich helemaal uit.

Gekraak, geknerp en geplof

Het gaf behoorlijk wat herrie toen er gistermiddag een ijsbreker door het kanaal voer. Een ijsbreker! Een auto van Rijkswaterstaat vergezelde het schip op de kant.

Vanmorgen maakten we een heuse sneeuwwandeling door het Abwoudse bos. Af en toe zakte ik tot mijn enkels in het witte tapijt. Ik had een Nordic Walking Pole meegenomen, dus dat liep met wat extra houvast. De foto maakte ik vlakbij ons huis toen de zon zo mooi op mijn geliefde treurwilg scheen.

Het geplop werd veroorzaakt door deze twee chocolade bommen. Gisteren bracht onze attente dochter deze twee versnaperingen. Na de wandeling vanmorgen overgoten we ze met stomend warme melk en daar plopten zomaar ineens ook mini marshmallows omhoog. Heerlijk.

Voor wie nog wil weten hoe de Thaise maaltijd gisteren was: voortreffelijk maar véél te veel. Bovendien een enorme berg aan plastic aanleverbakjes. Dus dat doen we een volgende keer anders, dan gaan er gewoon bakjes van ons zelf mee waar we het eten in laten doen. Dat er een volgende keer komt, is zeker al kan dat nog even duren. Voorlopig staat er nog een maaltje in de vriezer.

Wat er allemaal kán

Je kunt als je aan een grachtje woont, gewoon de voordeur uitstappen, schaatsen onderbinden en het ijs op gaan. Of zonder schaatsen tóch het ijs op stappen. Voor het gevoel.

Je kan natuurlijk ook op een bankje gaan zitten en merken hoeveel kracht de februarizon al heeft.

Met een stel studenten je eigen curlingwedstrijd houden, kan ook.

Of je tweejarig zoontje op de ouderwetse manier schaatsles geven.

Of met je camera in de aanslag een rondje maken door het centrum van Delft. Iedereen genoot van deze winterse oppepper. Ergens hoorde ik een huilend kind brullen ‘ik wil helemaal niet naar huis’.

Eén keer nadenken

En de rest van de week nooit meer de vraag ‘wat zullen we vanavond eens eten?’. Ik maak elke vrijdag een weekmenu en stel aan de hand daarvan mijn boodschappenlijst samen. Op zaterdagochtend vroeg doet de wijnboer de boodschappen en klaar zijn we weer voor de komende week. In het pre-coronatijdperk ging dat stukken minder gestructureerd maar toen was boodschappen doen geen straf. Ik zit overigens niet muurvast aan mijn eigen lijstje hoor. Bij restjes improviseer ik de volgende dag en met wat basisspullen als uien, knoflook, eieren, kookroom en nog zo wat is er altijd wel wat smakelijks te bereiden. Deze week staat er ook weer eens een afhaal maaltijd ingepland. Bij een Thais- Cambodjaans restaurant om de hoek gaan we voor het eerst een drie gangenmenu halen. Dat scheelt kook-en nadenkwerk. Ik heb nu al trek.

Een missie met hindernissen

Al twee keer was ik deze week over de Nieuwe Plantage gereden zonder te kunnen stoppen. Na schooltijd wordt het glooiende park nu gebruikt als sneeuwhelling. Met alle bijbehorende pret. Dus ik er lopend op af vanmiddag. Ik kan langdurig kijken naar spelende kinderen. Voor hen ben ik zó blij dat na die eeuwig lijkende periode van thuisonderwijs en grauwe dagen nu onbekommerd weer met klasgenootjes en vriendjes kan worden buiten gespeeld. Het suffe was dat na drie foto’s de batterij van mijn camera leeg bleek en ik ook mijn mobiel niet had meegenomen. Bloglezers moeten het dus vandaag doen met deze foto’s. De sleetje rijdende kinderen, hun ouders en ik hadden véél meer pret dan ik kan laten zien, geloof me maar.

Privé concert

Bij elkaar op bezoek gaan kent zo zijn afwegingen tegenwoordig. Is het wat het weer betreft wel verstandig met de auto op pad te gaan? Bovendien wordt het bepaald niet gestimuleerd elkaar op te zoeken als het niet echt nodig is. Toch ging ik vandaag op de koffie bij een (alleen wonende) vriendin. We hadden elkaar al weken niet gezien en hielden ons netjes aan de voorgeschreven afstand. Ze woont in een flat in een mooie buurt en nadat ik mijn auto had geparkeerd had, móest ik een foto maken van de prachtige huizen daar in Scheveningen.

Mijn vriendin vertelde uitvoerig en heel geestig over de pianolessen die zij volgt en na mijn ‘hè, speel eens wat voor me’ kroop ze achter de vleugel en trakteerde me op Mozart en Schubert. En zo eindigde de koffievisite, die al was uitgemond in een soep met broodje-lunch, met een muzikale toegift waarin ik in mijn eentje zat te klappen en ‘bravo’ riep. Mijn bezoekje was in strikte zin niet echt nodig maar wel enorm gezellig en helemaal de moeite waard.

Sneeuw in de schemering

In de sneeuw en gladdigheid lopen, vereist een beetje concentratie. Het lukt me niet om dan een fotocamera te hanteren. Nee, dan hang ik liever, zoals gewoonlijk, aan de arm van de wijnboer. Mijn sneeuwfoto’s bestaan dus vooral uit raamzichten. Wellicht wat saai om te zien. Toen ik vandaag terugreed van een dagje bij mijn moeder, zag ik langs het talud van de snelweg kinderen met sleetjes naar beneden glijden. En daarvan kan ik, zelf rijdend ook al geen foto’s maken. Kortom, ik zie wel sneeuwpret maar ik fotografeer het niet. Wie weet gaat het de komende week nog lukken want het ziet er naar uit dat deze winterse temperaturen nog minstens een week aanhouden. Hoewel ik een uitgesproken zomermens ben, vind ik dit na jaren kwakkelwinters, een feestje.